Het laatste nieuws over Inburgering vindt u op deze pagina. De redactie van de Nieuwsbrief Nieuwkomers draagt aan deze pagina's bij. U vindt ook de inhoud van de laatste Nieuwsbrief en een Agenda

U kunt van hier ook naar:
Eerder nieuws
Archief

Sitemap

ReactieVragen

Terug naar:
De welkomstpagina

Het laatste nieuws:

Inburgering oudkomers
In april 1999 heeft het Kabinet ingestemd met een voorstel van minister Van Boxtel van Grote Steden en Integratiebeleid over de inburgering van etnische minderheden die al langer in Nederland wonen. Het is de bedoeling om diegenen die de Nederlandse taal nog niet machtig zijn in een relatief korte periode een voldoende beheersing van de Nederlandse taal bij te brengen. Deze vrijwillige inburgeringsprogramma's zijn gericht op twee doelgroepen: opvoeders en werklozen. Het maakt niet uit uit welk land van herkomst de oudkomer afkomstig is. Voor 1999 heeft het kabinet 12,5 miljoen gulden beschikbaar gesteld, oplopend tot 50 miljoen in 2002. Het gaat om één budget dat bestemd is voor een periode van vier jaar (1999-2002); het geld zal in jaarlijkse termijnen worden overgemaakt. In het voorstel was vastgelegd dat dit geld de eerste drie jaar alleen bestemd zou zijn voor de vijfentwintig steden van het Grote Stedenbeleid.

Opvoeders
Het programma-aanbod voor opvoeders is gericht op het leren van NT2 zodat ouders hun kinderen kunnen ondersteunen bij het leren van de Nederlandse taal door ook thuis Nederlands te spreken. Naast NT2 zal er aandacht zijn voor: ontwikkelingsstimulering, opvoedingsondersteuning, gezondheidsvoorlichting en voorlichting over de werking van het Nederlandse onderwijssysteem. De ouders zullen worden benaderd via het consultatiebureau of de school.

Werklozen
Het programma-aanbod voor werklozen zal naast het leren van de Nederlandse taal ook bestaan uit bijvoorbeeld werkstages.

Herziene verdeling middelen inburgering oudkomers
Op 23 juni jl. vond een Algemeen Overleg over de nota Kansen Pakken, Kansen Krijgen plaats. In dat kader is ook bovenstaand voorstel betreffende de inburgering van oud-komers aan de orde geweest. Noordman-Den Uyl en Rijpstra hebben toen met betrekking tot de verdeling van de middelen een amendement ingediend op de verdeling van de middelen voor inburgering van oud-komers zoals vastgelegd in het oorspronkelijke voorstel. De verdeelsleutel voor 1999 is nu als volgt:
Van de 12,5 miljoen gulden gaat 70% naar de vijfentwintig steden van het Grote Stedenbeleid; 30 % moet verdeeld worden over zeventien gemeenten die een percentage van zeven procent of meer allochtonen hebben. De middelen zullen aan deze gemeenten worden toegekend op grond van het aantal etnische minderheden die al langer in Nederland wonen en die afkomstig zijn uit Suriname, Turkije, Marokko en de Antillen. Vervolgens kunnen de toegekende middelen ingezet worden voor alle oud-komers (ongeacht het land van herkomst) in de desbetreffende gemeenten.
De gemeenten dienen de komende tijd programma's op te stellen voor de inburgering van oud-komers. Er worden plannen gemaakt voor een periode van vier jaar: 1999-2002. Deze inburgeringsprogramma's zullen voor wat de vijfentwintig steden van het Grote Stedenbeleid betreft deel uitmaken van de plannen voor de GSB-convenanten.