
Inburgering oudkomers nu landelijk en
resultaatgericht
23 sep. 2002
Vanaf vandaag kunnen alle Nederlandse gemeenten extra geld krijgen
voor de inburgering van oudkomers. Minister Nawijn voor
Vreemdelingenzaken en Integratie heeft daarvoor een regeling getroffen.
Eerder konden alleen 54 grotere gemeenten van dergelijke regelingen
gebruik maken.
De regeling houdt in dat gemeenten kunnen aangeven hoeveel
oudkomers zij de komende twee jaar denken in te burgeren. Het gaat in
eerste instantie om etnische minderheden die werkzoekend zijn of die
jonge kinderen opvoeden. De inburgeringscursus is daarom altijd een
combinatie van taalles met werk, met een beroepsopleiding of met
ondersteuning bij de opvoeding.
De resultaten worden halfjaarlijks gemeten via een monitor. Pas
nadat de laatste resultaten binnen zijn, wordt de eindafrekening met
de deelnemende gemeenten opgemaakt. Als de prestaties zijn
achtergebleven, vindt terugvordering plaats, als de prestaties goed
zijn, wordt de extra inspanning beloond. De prestaties zijn goed als
iemand een cursus heeft afgemaakt en diegene het Nederlands beter
beheerst.
Gemeenten kunnen bij het uitvoeren van de inburgering samenwerken
met andere gemeenten. Omdat oudkomers niet verplicht zijn om
inburgering te volgen, wordt met iedere oudkomer een overeenkomst
afgesloten. Op die manier wordt vastgelegd wat de inspanningen over en
weer zijn zonder vrijblijvendheid. Dat strookt met het voornemen van
dit kabinet om de verplichting voor werkzoekende oudkomers wettelijk
vast te leggen."
Klik hier voor de regeling
terug
naar boven
|