Vragen, antwoorden

De rubriek Vragen, antwoorden komt mede tot stand in samenwerking met de Informatielijn Inburgering van CFI (079-3234000), die ingesteld is door de ministeries van Biza, OCenW en VWS.

Zie ook:
Vragen helpdesk inburgering januari 1999 - juni 1999

De belangrijkste vragen en antwoorden uit: 'Er staat een Rus aan de balie.'

Oude meest gestelde vragen

Terug naar:
Vragen, antwoorden
De welkomstpagina

Vragen aan Informatielijn Inburgering

In de maanden augustus, september en oktober 1998 zijn er weer flink wat vragen bij de help desk voorgelegd en afgedaan: respectievelijk: 155, 340 en 658.
Wederom is in deze periode het merendeel  (zo'n 89%) van de vragen gesteld door gemeenten. De onderwijsinstellingen, hulpverleners vluchtelingenwerk en particulieren leverden de rest van de vragen aan.
De meeste vragen wijken inhoudelijk niet af van die in de voorgaande perioden, maar zijn natuurlijk meer gericht op de invoering van de Wet Inburgering Nieuwkomers (WIN). Een groot aantal vragen en antwoorden kan van belang zijn voor verschillende gemeenten of andere uitvoerders. Daarom hebben wij een groot aantal opgenomen in drie onderdelen (pagina's).

Vragen, antwoorden

Een aantal gestelde vragen:

ZZA Arrangement

Vraag:
Een nieuwkomer heeft een VVTV-status met een zogenoemd Zelfzorg Arrangement (ZZA). Een gemeente accepteert een ZZA echter niet als reguliere huisvesting. Kan de nieuwkomer worden ingeburgerd?

Antwoord:
Als de gemeente het Zelfzorg Arrangement niet accepteert als reguliere huisvesting, kan de nieuwkomer niet worden ingeburgerd. Eén van de voorwaarden voor inburgering is immers dat de nieuwkomer regulier gehuisvest is.

Verblijf bij werkende partner

Vraag:
Een Portugese vestigt zich bij haar partner en zal een VTV-status met beperking ‘verblijf bij werkende partner’ krijgen. Haar partner heeft haar nu verlaten en de vrouw mag de scheidingsprocedure in Nederland afwachten. Komt zij op basis van haar status in aanmerking voor inburgering of moet haar status worden herzien?

Antwoord:
De Portugese nieuwkomer komt niet in aanmerking voor inburgering. Haar status hangt namelijk af van die van haar (ex)partner. Ook wanneer zij nog bij elkaar zouden blijven is inburgering op basis van de regelgeving niet mogelijk, omdat haar partner een status met beperking heeft (een tewerkstellingsvergunning).

VVTV-ers

Vraag:
Kan een VVTV-er, die na inwerkingtreding van de WIN een A-status krijgt, worden ingeburgerd?

Antwoord:
Nee, dit kan formeel nog niet. Een technische wijziging van de wet zal dit echter op korte termijn mogelijk maken. Vooruitlopend daarop kan een gemeente een VVTV-er, die een A-status krijgt, als inburgeraar beschouwen.

Vraag:
Kan een gemeente VVTV-ers en MVV-ers, vooruitlopend op hun VTV-status, een inburgeringsprogramma aanbieden via reguliere educatie (voorfinancieren) en uiteindelijk wel aanspraak maken op de bekostiging twee jaar later?

Antwoord:
Dit is mogelijk, maar het risico ligt in dat geval bij de gemeente. Binnen zes weken nadat de VTV-status is uitgereikt moet de nieuwkomer zich bij de gemeente melden voor een inburgeringsonderzoek. Op basis van dit onderzoek geeft de gemeente een beschikking af, die meetelt voor de bekostiging twee jaar later. Als de VTV-er vervolgens ook de toets aflegt, telt ook deze mee in het telsysteem voor twee jaar later. Er schuilt echter een risico in deze werkwijze voor de gemeente. Het is mogelijk dat de VVTV-er geen VTV-status krijgt en in dat geval zijn de reguliere middelen al aangewend om de VVTV-er in te burgeren.

AMA-VTV-ers

Vraag:
Behoren alleenstaande minderjarige asielzoekers (zgn. AMA-VTV-ers) tot de doelgroep van het inburgeringsbeleid?

Antwoord:
Nee, omdat het hier gaat om nieuwkomers met een VTV-status met beperking. In dit geval is de beperking ‘AMA’. Als hun status wordt omgezet in een VTV zonder beperking, kunnen zij nog niet worden ingeburgerd omdat er dan sprake is van een tweede toelating tot Nederland.
terug naar boven

Ontheffing van de meldingsplicht

Vraag:
Kan een gemeente een tijdelijke ontheffing verlenen aan een nieuwkomer wanneer deze, wegens zwaarwegende omstandigheden, na de start van het inburgeringsprogramma, het traject tijdelijk wil onderbreken?

Antwoord:
Dit is niet mogelijk. Een nieuwkomer kan alleen om een ontheffing van de meldingsplicht vragen. Wanneer hij dat niet doet of de gemeente zijn aanvraag tot ontheffing afwijst, is de nieuwkomer verplicht zich te melden voor het inburgeringsonderzoek. Wanneer de nieuwkomer vervolgens start met het programma, kan hij geen tijdelijke ontheffing krijgen. Dit probleem, waar veel gemeenten mee zitten, is gesignaleerd en wordt meegenomen in de evaluatie van de WIN. Feitelijk is een tijdelijke onderbreking wel mogelijk. De verplichting om de toets binnen één jaar na start van het programma af te leggen blijft dan wel bestaan. Heeft de nieuwkomer vóór de toets het hem opgelegde aantal uren educatief programma nog niet gevolgd, dan zal hij deze in de periode van doorgeleiding alsnog moeten volgen. Alleen als hij bij de toets het vastgestelde streefniveau behaalt, kan de gemeente hem daarvan vrijstellen.

Kinderopvang

Vraag:
Is een gemeente, in het kader van de zorgplicht, verplicht om voor (uitbreiding van) kinderopvang te zorgen?

Antwoord:
Nee, een gemeente is niet verplicht om voor kinderopvang te zorgen. Een gemeente zal in beleidsregels moeten vastleggen hoe zij met een verzoek tot ontheffing van de meldingsplicht wegens het hebben van (jonge) kinderen omgaat. Door het verlenen van een ontheffing krijgt de nieuwkomer uitstel van de meldingsplicht. Als de gemeente besluit het verzoek af te wijzen of als een nieuwkomer geen verzoek indient, zal de gemeente de nieuwkomer een inburgeringsprogramma moeten aanbieden, dat aansluit op de behoeften van de nieuwkomer. Er moet sprake zijn van maatwerk. Dit kan betekenen dat de nieuwkomer een extensief programma krijgt (bijvoorbeeld alleen onderwijs in de avonduren) of dat de gemeente toch voor kinderopvang gaat zorgen.

terug naar boven

Verder meest gestelde vragen 1-2-3
Oude meest gestelde vragen

Vragen helpdesk inburgering januari 1999 - juni 1999

Attentie
Aan de teksten zoals deze hier verschijnen is een maximale zorg besteed. Ondanks deze zorg kan aan de formulering geen rechten worden ontleend. Indien u zekerheid over regelingen wilt verkrijgen, moet u zich schriftelijk tot het betrokken ministerie wenden.