|
Vragen aan Informatielijn Inburgering
In de periode april tot en met juni 1998 zijn in totaal 579 telefonische vragen gesteld bij de informatielijn. De meeste vragen kwamen
vanuit gemeenten, de overige vragen werden gesteld door onderwijsinstellingen, hulpverleners vluchtelingenwerk en particulieren. De vragen
hadden met name betrekking op de WIN, het accountantsprotocol en de nieuwsbrieven.
De verdeling van onderwerpen was als volgt:
| Onderwerp |
april |
mei |
juni |
|
Doelgroepen
|
29
|
41
|
38
|
|
Achterstandscriterium
|
0
|
1
|
2
|
|
Het programma
|
18
|
32
|
37
|
|
Regelingen
|
98
|
53
|
95
|
|
Contracten
|
24
|
16
|
26
|
|
Sancties
|
10
|
3
|
2
|
|
Verhuizing
|
3
|
5
|
3
|
|
Beroepsmogelijkheden
|
4
|
2
|
0
|
|
Privacy/Registratie
|
0
|
1
|
2
|
|
Inhoudelijke Verslaglegging
|
1
|
0
|
0
|
|
Organisatie
|
9
|
12
|
8
|
|
Samenwerking
|
3
|
1
|
0
|
|
Totaal
|
199
|
167
|
213
|
Vragen, antwoorden
Een aantal gestelde vragen:
Vraag:
Wanneer valt een nieuwkomer onder de werking van de WIN?
Antwoord:
Een nieuwkomer valt onder de werking van de WIN als hij vanaf 19 augustus 1998 zich voor het eerst huisvest in de gemeente of zijn
status uitgereikt krijgt. De WIN treedt in werking op 30 september 1998. De nieuwkomer die zich in de periode tussen 19 augustus en 30
september in de gemeente vestigt of zijn status krijgt uitgereikt, heeft tot zes weken na inwerkingtreding de mogelijkheid zich te melden
voor het inburgeringsonderzoek.
Vraag:
Kunnen Amerikanen, Australiërs en Japanners worden ingeburgerd onder de WIN?
Antwoord:
Deze nieuwkomers kunnen worden ingeburgerd als zij een status krijgen op grond van artikel 9 van de Vreemdelingenwet. In het
inburgeringsonderzoek wordt beoordeeld of zij daadwerkelijk aan de inburgeringsplicht moeten voldoen. Wanneer een nieuwkomer met een
tijdelijk doel in Nederland komt, geldt de inburgeringsplicht niet.
terug naar boven 
Vraag:
Kunnen alle 16- en 17-jarigen onder de WIN worden ingeburgerd?
Antwoord:
Nee. Een kind is volledig leerplichtig tot en met het schooljaar waarin het 16 is geworden of tot aan het einde van het schooljaar na
afloop waarvan de jongere tenminste 12 volledige schooljaren 1 of meer scholen heeft bezocht. Om te bepalen of een 16-jarige nieuwkomer
onder de werking van de WIN valt, is het moment van binnenkomst in Nederland van belang. Wanneer hij 16 is en in april naar Nederland komt,
moet hij volgens de Leerplichtwet nog regulier onderwijs volgen. Wanneer hij in september naar Nederland komt, is het schooljaar, waarin hij
16 is geworden, afgelopen en kan hij worden ingeburgerd. Dit geldt alleen in geval de nieuwkomer bij vestiging in de gemeente dan wel
statusuitreiking niet deelneemt aan volledig dagonderwijs (voortgezet onderwijs of middelbaar beroepsonderwijs).
Na de volledige leerplicht komt de partiële leerplicht, die duurt tot en met het schooljaar waarin de jongere 17 is geworden. De
inburgeringsplicht gaat echter boven de partiële leerplicht. Dit betekent dat alle 17-jarigen, die nog geen instroom hebben gehad in het
reguliere onderwijs, kunnen worden ingeburgerd.
Vraag:
Volgens de Onderwijsregeling Inburgering Nieuwkomers 1998 moet elk inburgeringsprogramma een deel educatie en een deel welzijn omvatten. Hoe
is dit in de WIN geregeld? Een nieuwkomer op leeftijd wil bijvoorbeeld niet meer naar school gaan, maar heeft wel maatschappelijke
begeleiding nodig. Is dit mogelijk?
Antwoord:
Onder de WIN bestaat een inburgeringsprogramma uit een educatief programma, maatschappelijke begeleiding en doorgeleiding naar
vervolgonderwijs of de arbeidsmarkt (artikel 6, eerste lid). Daarnaast krijgt elke inburgeraar trajectbegeleiding (artikel 15). Met andere
woorden: ook onder de WIN moet er sprake zijn van beide componenten. Binnen het educatieve traject kan een nieuwkomer echter een
vrijstelling krijgen voor delen van het programma. In het voorbeeld van de nieuwkomer op leeftijd kan er voor worden gekozen geen NT2 en
beroepenoriëntatie aan te bieden, maar wel maatschappijoriëntatie, dat wordt afgesloten met een toets. Daarnaast krijgt de nieuwkomer
maatschappelijke en trajectbegeleiding. De gemeente kan beslissen een vrijstelling te geven voor het gehele educatieve programma om toch
niet over te gaan tot volledige vrijstelling. In dat geval legt de nieuwkomer geen toets af. Dat betekent dat de nieuwkomer niet wordt
meegeteld bij de realisatie in verband met de rekening en verantwoording.
terug naar boven 
Vraag:
Ook analfabeten zijn verplicht om de toets binnen één jaar af te leggen. Mag een onderwijsinstelling deze nieuwkomers ook alleen een
handtekening laten zetten onder de toets en telt deze dan mee in de t-2 bekostiging?
Antwoord:
Het afnemen van de toets bij analfabeten blijft moeilijk. Dit probleem krijgt aandacht bij Binnenlandse Zaken (zie rapportage nr.16,
februari 1998). Tot er een oplossing is, blijft de verplichting van het afnemen van de toets bestaan. De nieuwkomer kan zijn handtekening
plaatsten bij die onderdelen van de toets, waarop hij niets heeft kunnen doen, als blijk dat hij het wel heeft geprobeerd. Op basis van de
resultaten van de (eventueel aangepaste) toets, geeft de instelling een verklaring af. Deze verklaring telt mee voor de t-2 systematiek.
Vraag:
Volgens de Onderwijsregeling Inburgering Nieuwkomers 1998 (artikel 4, tweede lid onder b) en de WIN (artikel 10) moet een
onderwijsinstelling een nieuwkomer binnen één jaar na de inschrijving in de gelegenheid stellen de toets af te leggen. Telt een
nieuwkomer, die geen gehoor geeft aan de oproep van de instelling om de toets af te leggen, mee voor de bekostiging volgens de t-2
systematiek?
Antwoord:
Alleen een verklaring van de onderwijsinstelling, waarin de resultaten van de toets worden vermeld, telt mee voor de bekostiging volgens de
t-2 in het telsysteem. Wanneer de toets niet wordt afgelegd binnen één jaar, telt de betreffende persoon niet mee in het telsysteem.
Vraag:
Een echtpaar met kleine kinderen komt in aanmerking voor inburgering. Is het mogelijk één van de ouders extra tijd te geven voor de
start van het programma, gezien het feit dat er kleine kinderen zijn?
Antwoord:
Dit is mogelijk. Een van de ouders zal binnen een periode van vier maanden na eerste huisvesting of statusuitreiking een
inburgeringscontract en een onderwijsovereenkomst moeten tekenen. De ander kan gebruik maken van de hardheidsclausule en binnen tien maanden
genoemde documenten tekenen. Ook is er op gewezen dat de gemeente voor kinderopvang kan zorgen. Onder de WIN bestaat deze mogelijkheid niet
meer. Wel kan de nieuwkomer om (tijdelijke) ontheffing van de meldingsplicht verzoeken.
terug naar boven 
Vraag:
Een nieuwkomer heeft werk en stopt om deze reden met het inburgeringsprogramma. Hiermee verbreekt hij dus ook het inburgeringscontract. Zijn
er voor de gemeente, nu en straks onder de WIN, sanctiemogelijkheden?
Antwoord:
Allereerst wordt voor het antwoord op deze vraag verwezen naar de brochure "Er staat een Rus voor de balie" van het ministerie van
Binnenlandse Zaken, vraag 3.6.3. Onder de Onderwijsregeling Inburgering Nieuwkomers 1998 kan een uitkeringsgerechtigde nieuwkomer, op basis
van de Bijstandswet, worden gekort op zijn uitkering. Een niet-uitkeringsgerechtigde nieuwkomer kan een boete krijgen. Ook onder de WIN kan
een gemeente een nieuwkomer een boete opleggen. De basis hiervoor is vastgelegd in de WIN, artikel 18 en een AMVB over boeten. Ook onder de
WIN bestaat de mogelijkheid van korting op de uitkering op grond van de Bijstandswet.
Vraag:
Moet de toets worden afgenomen in de eerste gemeente van huisvesting wanneer een nieuwkomer verhuist naar een andere gemeente en zijn
inburgeringsprogramma nog niet heeft afgerond?
Antwoord:
Het kan voorkomen dat een onderwijsinstelling in de beschreven situatie de toets wil afnemen om zo een verklaring te kunnen afgeven, die zal
meetellen voor de bekostiging twee jaar later. De gemeente is echter verantwoordelijk voor de uitvoering van het inburgeringsbeleid binnen
de gemeente en moet het belang van de nieuwkomer voor ogen houden. In geval van verhuizing zullen de twee betreffende gemeenten overeen
moeten komen welke gemeente de verantwoordelijkheid voor de nieuwkomer op zich neemt. Wellicht kan de nieuwkomer zijn programma afronden met
een toets in de tweede gemeente van huisvesting. Ook de financiële verrekening blijft een zaak tussen de gemeenten onderling.
Vraag:
Een nieuwkomer met een Joegoslavisch paspoort heeft drie jaar lang in Duitsland gestudeerd en komt vervolgens naar Nederland. Kan deze
persoon worden ingeburgerd?
Antwoord:
Dit is mogelijk. Joegoslavië valt niet onder de Europese Unie en dus kan de nieuwkomer (de 'derdelander') worden ingeburgerd. Wanneer de
persoon zo lang in Duitsland was geweest dat hij de Duitse nationaliteit had verkregen, kan hij onder de Onderwijsregeling Inburgering
Nieuwkomers 1998 nog wel worden ingeburgerd. Inburgering onder de WIN zou dan echter niet meer mogelijk zijn.
terug naar boven 
Vraag:
Een nieuwkomer met een Nederlands paspoort, afkomstig van Curaçao, is in 1991 negen maanden in Nederland geweest en komt nu in het kader
van gezinsvorming naar Nederland. Kan deze persoon worden ingeburgerd?
Antwoord:
Deze nieuwkomer kan niet worden ingeburgerd omdat het de tweede keer is dat hij in Nederland komt.
Vraag:
Wanneer moet een asielzoeker zich melden voor het inburgeringsonderzoek: zes weken nadat hij een status heeft uitgereikt gekregen of zes
weken nadat hij zich voor het eerst heeft gevestigd in de gemeente?
Antwoord:
Een asielzoeker kan zich regulier in een gemeente vestigen wanneer hij een status uitgereikt heeft gekregen. In artikel 2, het tweede lid
onder a van de WIN wordt aangegeven dat een asielzoeker zich binnen zes weken, nadat hij na vertrek uit het opvangcentrum voor de eerste
keer aangifte van verblijf en adres heeft gedaan, moet melden bij de gemeente voor het inburgeringsonderzoek.
Vraag:
Is een gemeente verplicht een nieuwe overeenkomst met de onderwijsinstelling te tekenen in verband met de invoering van de WIN?
Antwoord: Dit is niet verplicht. De basis voor het tekenen van een overeenkomst tussen de gemeente en de onderwijsinstelling ligt in
artikel 2.3.4, tweede lid van de Web. In artikel 4, tweede lid van de Onderwijsregeling Inburgering Nieuwkomers 1998 staan nog een aantal
voorwaarden beschreven, waaraan de overeenkomst moet voldoen. Deze voorwaarden wijzigen niet wanneer de WIN in werking treedt. Het is dus
niet nodig om de overeenkomst aan te passen.
Vraag:
Een nieuwkomer heeft in oktober 1996 een inburgeringscontract getekend en heeft zijn programma in maart 1998 afgerond. Nu wordt de
nieuwkomer gekort op zijn uitkering omdat niet is voldaan aan de sollicitatieplicht. Mag een nieuwkomer worden gekort op zijn uitkering
terwijl hij het inburgeringsprogramma volgt?
Antwoord:
De nieuwkomer wordt in dit geval niet gekort op zijn uitkering omdat hij niet (volledig) heeft voldaan aan zijn inburgeringsplicht, maar
omdat hij niet (voldoende) heeft gesolliciteerd naar een baan. Op basis van de Bijstandswet is het dan zeker mogelijk dat de betreffende
persoon wordt gekort op zijn uitkering. In dat geval staan de Onderwijsregeling Inburgering Nieuwkomers 1998 en de Bijstandswet naast
elkaar.
terug naar boven 
Vraag:
Veel gemeenten gebruiken nu Diagram om de voortgang van nieuwkomers te registreren. Gaat dit veranderen als de WIN in werking treedt?
Antwoord:
Door het Rijk wordt niet voorgeschreven welk systeem moet worden gebruik voor de registratie van gegevens. In Staatsblad 409 (1998) worden
wel bij algemene maatregel van bestuur regels gegeven over de vaststelling van de voortgang en de registratie daarvan. In een overleg van
Rijk, VNG en gemeenten zal nader worden uitgewerkt welke onderdelen van de in artikel 7 genoemde gegevens nodig zullen zijn voor de
registratie. Hierbij zal eveneens worden bepaald op welke wijze de registratie van de voortgang plaats zal kunnen vinden, zodat er sprake is
van een juiste en volledige registratie. Met andere woorden: er wordt geen systeem voorgeschreven; wel wordt er een functioneel ontwerp
aangeboden, waarmee gemeenten zelf een systeem kunnen (laten) bouwen. Niet uitgesloten is dat dit zal leiden tot nadere regelgeving.
terug naar boven 
Meest gestelde vragen 
Attentie
Aan de teksten zoals deze hier verschijnen is een maximale zorg besteed. Ondanks deze zorg kan aan de formulering geen rechten worden
ontleend. Indien u zekerheid over regelingen wilt verkrijgen, moet u zich schriftelijk tot het betrokken ministerie wenden.
|