Vragen, antwoorden

De rubriek Vragen, antwoorden komt mede tot stand in samenwerking met de Informatielijn Inburgering van CFI (079-3234000), die ingesteld is door de ministeries van Biza, OCenW en VWS.

 

Zie ook:
Vragen helpdesk inburgering januari 1999 - juni 1999

De belangrijkste vragen en antwoorden uit: 'Er staat een Rus aan de balie.'

Archief: Meest gestelde vragen

Terug naar:

Vragen, antwoorden

De welkomstpagina

Vragen aan Informatielijn Inburgering

In de periode van 1 juli tot en met 31 juli 1998 zijn er 192 vragen bij de help desk voorgelegd en afgedaan.
Wederom is in deze periode het merendeel (89%) van de vragen gesteld door gemeenten. De onderwijsinstellingen, hulpverleners vluchtelingenwerk en particulieren leverden de rest van de vragen aan.
De meeste vragen wijken inhoudelijk niet af van die in de voorgaande perioden. De Wet Inburgering Nieuwkomers (WIN), het accountantsprotocol en de nieuwsbrieven zijn overwegend de aanleiding geweest tot de nieuw gestelde vragen.

Vragen, antwoorden

Een aantal gestelde vragen:

VVTV-ers

Vraag:
Onder de Onderwijsregeling Inburgering Nieuwkomers 1998 is het niet mogelijk een VVTV-er, die geen inburgeringsprogramma heeft gevolgd, bij verandering van status (VTV) alsnog in te burgeren, omdat een VVTV-er ook tot de doelgroep inburgering behoort. Onder de WIN behoren de VVTV-ers niet meer tot de doelgroep. Kunnen zij worden ingeburgerd wanneer hun VVTV-status wordt omgezet in een VTV-status?

Antwoord:

Artikel 1, eerste lid onder a van de WIN geeft aan dat een nieuwkomer die 'na een vergunning tot verblijf als bedoeld in artikel 9a van de Vreemdelingenwet (VVTV) een vergunning als bedoeld in artikel 9 van die wet (VTV) heeft verkregen' tot de doelgroep van inburgering behoort. Bij verandering van status, wanneer deze geen beperkingen kent, kan een nieuwkomer dus worden ingeburgerd. Een technische wijziging van de wet zal het op korte termijn mogelijk maken dat ook in de situatie dat een VVTV-status wordt omgezet in een A-status, de nieuwkomer kan worden ingeburgerd.

Verblijfsaantekening

Vraag:
Een nieuwkomer heeft in zijn paspoort een sticker: 'verblijfsaantekening voor gemeenschapsonderdanen'. Deze aantekening in het paspoort zou dezelfde rechten en plichten met zich meebrengen als een vergunning tot verblijf. Kan deze nieuwkomer worden ingeburgerd?

Antwoord:
Navraag bij de IND heeft uitgewezen dat de sticker in het paspoort wordt geplakt in afwachting van een status. Zolang een nieuwkomer nog geen status heeft, komt hij niet in aanmerking voor een inburgeringsprogramma. Verder geeft de sticker inderdaad dezelfde rechten en plichten als een vergunning tot verblijf. Een nieuwkomer kan bijvoorbeeld wel al naar werk zoeken.
terug naar boven

Standaardtoets

Vraag:
Komt er, in het kader van de WIN, een standaardtoets voor het beoordelen van de achterstandssituatie van een nieuwkomer?

Antwoord:
Voor het bepalen van de inhoud van een inburgeringsprogramma kan een gemeente tijdens het inburgeringsonderzoek gebruik maken van een test, waarmee kennis, inzicht en vaardigheden van de nieuwkomer worden vastgesteld. Voor het testen wordt geen standaard-instrument ontwikkeld. Wel worden in de toelichting op hoofdstuk 2 (criteria inburgeringsonderzoek) van het Uitvoeringsbesluit inburgering nieuwkomers (Stb.409, 1998) een aantal toetsinstrumenten genoemd, waarvan gemeenten bij het beoordelen van de achterstandssituatie gebruik kunnen maken.
terug naar boven

16- en 17-jarigen

Vraag:
Een gemeente biedt jonge nieuwkomers (16- en 17-jarigen) momenteel een intensief onderwijsprogramma aan via de Internationale Schakelklas (ISK). Zij krijgen 40 uur per week onderwijs. Onder de WIN kan deze doelgroep onder bepaalde voorwaarden worden ingeburgerd. In dat geval krijgen de nieuwkomers gemiddeld 600 uur educatie. De gemeente vindt dit een grote achteruitgang en vraagt zich af in hoeverre zij verplicht is 16- en 17-jarigen educatie aan te bieden via het inburgeringsprogramma?


Antwoord:
Als tijdens het inburgeringsonderzoek aannemelijk is geworden dat de nieuwkomer al over voldoende kennis, inzicht en vaardigheden beschikt of deze binnen redelijke termijn in voldoende mate op andere wijze zal verwerven, kan een gemeente besluiten het vaststellen van een inburgeringsprogramma achterwege te laten (WIN, art. 5.2). Wanneer een gemeente vindt dat het volgen van onderwijs via een ISK effectiever is voor 16- en 17-jarigen, kan zij deze groep vrijstellen van de verplichting tot het volgen van een inburgeringsprogramma. Een gemeente kan aan deze vrijstelling de voorwaarde verbinden dat de nieuwkomer een toets aflegt en daarbij een bepaald niveau behaalt (WIN, art. 5.3). Wanneer de nieuwkomer hierin niet slaagt, wordt alsnog een inburgeringsprogramma vastgesteld. Ook kan het zijn dat de nieuwkomer op vrijwillige basis een toets aflegt, waarmee zijn kennis en vaardigheden worden vastgesteld. De nieuwkomer moet daartoe een verzoek indienen bij de gemeente. De gemeente moet dit verzoek inwilligen, tenzij gewichtige redenen zich ertegen verzetten.
terug naar boven
Archief: Meest gestelde vragen

Attentie

Aan de teksten zoals deze hier verschijnen is een maximale zorg besteed. Ondanks deze zorg kan aan de formulering geen rechten worden ontleend. Indien u zekerheid over regelingen wilt verkrijgen, moet u zich schriftelijk tot het betrokken ministerie wenden.