|
Derde voortgangsrapportage
Minder uitval bij inburgering oudkomers
Uit de derde voortgangsrapportage in het
kader van het Groot Project Inburgering Oudkomers (GPIO) blijkt dat
oudkomers die een inburgeringsprogramma volgen minder vaak afhaken.
Minister Nawijn van Vreemdelingenzaken en Integratie stuurde het
rapport recentelijk naar de Tweede Kamer. De uitval onder oudkomers is
momenteel ongeveer even groot als de uitval bij nieuwkomers die een
inburgeringcursus volgen. Onder de oudkomers die in de eerste helft
van 2002 met het inburgeringprogramma zijn gestart was de uitval 9
procent. Van degenen die in eerdere jaren zijn gestart, viel 15
procent af.
De meerderheid van de cursisten is vrouw, zowel onder de doelgroep
werklozen als opvoeders. Het percentage Turken en Marokkanen is hoog:
onder de opvoeders ligt dit rond tachtig procent; bij werklozen rond
vijftig procent. Bijna tweederde van de starters is jonger dan veertig
jaar.
De uitval onder oudkomers was eerder een punt van zorg. De recente
gegevens uit de Monitor Oudkomers laten nu een stabilisering zien die
overeenkomt met het niveau van uitval onder de nieuwkomers.
Op dit moment moeten 54 gemeenten (G54) die een beleid hebben voor
de oudkomers twee keer per jaar gegevens voor het GPIO aanleveren, met
een verklaring van de accountant. Minister Nawijn wil dat vanaf 2004
terugbrengen tot een keer per jaar, omdat het veel administratieve
rompslomp oplevert voor de uitvoeringsorganisatie. Dit moet volgens
hem mogelijk zijn omdat de afrekening van het budget plaatsvindt op
basis van de bereikte resultaten. Behalve de 54 gemeenten hebben
onlangs 286 andere gemeenten een budget gekregen om oudkomers in te
burgeren.
Download
hele document (pdf 100kb.)
|