is gestopt en geeft nu de geschiedenis van inburgering
NIEUWS | VRAGEN | SITEMAP | WAT WAS NIEUW | AGENDA | SERVICE | DISCUSSIE
Beleid

Beleid

Inburgering nieuwe stijl

Het kabinet gaat dit jaar de huidige regelgeving voor inburgering ingrijpend wijzigen. Dit komt in het kort neer op inburgeren in het land van herkomst, het vrijgeven van het cursusaanbod en volledige outputfinanciering van gemeenten. Naast de aangekondigde wetswijzigingen zal dit jaar ook een compleet nieuwe wet inburgering in procedure worden gebracht. Daarin wordt het nieuwe stelsel van inburgering neergelegd. In het Holiday Inn in Leiden kwamen op 19 februari jl. zo’n tachtig vertegenwoordigers van onder andere ROC’s en gemeenten bij elkaar om te luisteren naar hoe de sprekers ‘Inburgering nieuwe stijl’ ervaren.

Wat verandert er?
Na de aftrap en het welkom op het congres door dagvoorzitter en presentator dhr. Van der Krogt (Vicepresident CapGemini Ernst & Young en voormalig projectleider Taskforce Inburgering), zette Laurette Spoelman (Projectleider Frontoffice Inburgering) in heldere bewoordingen de contourennota uiteen: “De contourennota is een uitwerking van het hoofdlijnenakkoord dat bij het nieuwe kabinet werd gepresenteerd; een notitie op hoofdlijnen. Daarin staat wat er gaat gebeuren en veranderen: nieuwkomers moeten in het land van herkomst examen gaan doen. Dat is verplicht en als ze dat niet halen, dan mogen ze Nederland niet in. Hetzelfde examen moeten asielzoekers in AZC’s afleggen. Ook oudkomers van na 1998 hebben de plicht tot inburgeren, door middel van het inburgeringsexamen,” aldus Spoelman.

Het nieuwe motto van het kabinet is volgens Laurette Spoelman: “Eigen verantwoordelijkheid in een nieuw inburgering(s)stelsel”.

Bezuinigen
Wat betekenen deze veranderingen? “Mensen die het willen halen zullen een cursus moeten volgen. Dat moeten ze allemaal zelf uitzoeken en zelf betalen. Er zal geen verschil zijn tussen mensen die een uitkering hebben of niet; alles is voor iedereen hetzelfde, en ieder heeft een inburgeringsplicht.”

Volgens de spreekster gaat dit stelsel gefaseerd in: half 2005, begin 2006 gaat het stelsel in werking. Dit jaar zal er op het totale bedrag van 177 miljoen, 59 miljoen bezuinigd moeten worden. Volgend jaar moet er op diezelfde 177 miljoen, 82 miljoen bezuinigd worden.

Hoofdlijnen nieuw beleid
Het nieuwe stelsel wordt volgens Spoelman een marktstelsel met een consumentenmarkt; heel anders als de markten die wij kennen. “Mensen moeten uit hun eigen portemonnee, zelf gaan shoppen. Ook de mensen die niet eens weten hoe een strippenkaart werkt. De opleidingen die de cursussen aanbieden zullen worden gecertificeerd en krijgen dus een certificaat.”

De vraag rijst of inburgeraars die gemiddeld 800 euro per maand krijgen, genoeg geld hebben om een traject van 6.000 euro te bekostigen. Daartoe is er een kredietfaciliteit in het leven geroepen met de mogelijkheid een verplichte lening af te sluiten om zodoende de mogelijkheid te bieden de inburgeraars aan hun verplichting te laten voldoen.

Geen vraagsturing

Er is in dit nieuwe stelsel geen sprake van vraagsturing. Het aanbod gaat de vraag bepalen (wat moet je kunnen voor dat examen?). Het is min of meer een aanbodgestuurd stelsel, “Een gemiste kans,” volgens Spoelman. Mensen die veel hulp nodig hebben bij het traject, zullen dus ook een duur traject moeten betalen. Aanbieders zullen zich op de winst gaan richten en de vraag rijst of er wel een markt voor de moeilijkst bedienbare groep, bijvoorbeeld de analfabeten, komt. “Dit is een heel ander sturingsmechanisme. In de toekomst heeft de gemeente geen invloed meer op waar de inburgeraar z’n cursussen inkoopt.”

Doel
In de contourennota wordt eigenlijk geen doel genoemd volgens Spoelman. “Is het doel integratie? Participatie? Reïntegratie? Het lijkt erop dat het kabinet als doel heeft: de taal leren.” Het belangrijkste doel voor de gemeente zal in ieder geval niet meer ‘inburgering’ zijn. Hun doel zal zich verleggen naar informeren (aan degenen die bij de gemeente langskomen) en handhaven (plicht moet worden nagekomen). Om dat handhaven na te streven zal de gemeente sanctiemogelijkheden hebben: een bestuurlijke boete (na vijf jaar), verblijfsvergunning (pas een permanente vergunning na slagen), vergoeding (bij slagen van het examen). Over de vergoeding na het slagen wordt in de wandelgangen gesproken over de helft van de kosten van de cursus.

De definitieve rol van de gemeente hierin is nog niet erg duidelijk. Wèl duidelijk is dat de gemeente een handhavende rol krijgt en niet de certificerende rol.

Uitzondering
Natuurlijk kennen regels en wetten uitzonderingen. Voor vrouwen zonder uitkering, zonder baan en “met een vitamine D tekort”, zoals de minister onlangs schetste, mag de gemeente een traject regelen. Alhoewel er veel rechtsongelijkheid in zit, is het volgens Spoelman fijn en goed dat er voor deze groep wat geregeld is.

Stem laten horen
Spoelman wijst erop dat er nog tot half maart de mogelijkheid is om de kamer je stem te laten horen: “Half maart gaat de contourennota naar de minister, dus tot die tijd kunnen er nog signalen richting de Frontoffice Inburgering en de Kamer. Tot die tijd is die stem belangrijk!”

Na het duidelijke verhaal van Laurette Spoelman vertelde de (voormalig) Russische docente Engels Irina Kopteva vanuit het perspectief van de inburgeraar hoe het haar vergaan was bij aankomst in Nederland. Ze zette uiteen waarom ze een belangenvereniging Inburgeraars op wil richten. “Het inburgeren en participeren moet je zelf doen, maar daar is zeker wel ondersteuning bij nodig! Men moet beter leren luisteren. Ik wil inburgeraars door die vereniging een stem geven, “aldus Irina Kopteva.

De gegevens van de Belangenvereniging van Inburgeraars (in oprichting) zijn:
Irina Kopteva
Leo’s Oord 57
3828 ET Hoogland
033-4330236

Discussie
Na een korte pauze was het tijd voor de interview-discussie tussen mevrouw Vervaet, die projectleider inburgering gemeente Helmond is, en de heer Spigt, wethouder van de gemeente Dordrecht. Zij discussieerden over de zelfsturing en herinrichting van de regiefunctie van gemeenten. Volgens Spigt gaat de nieuwe manier van inburgeren op een aantal problemen stuiten. Spigt vraagt zich onder andere af waar de inburgeraar straks met zijn problemen heen kan, als de regiefunctie niet meer bij gemeenten ligt. Moet de gemeente dan zeggen: ‘niet bij ons, ga maar naar het ministerie’. “Ik denk dat de minister nog niet goed overzien waar de gemeentelijke verantwoordelijkheid dan wèl zit,” aldus Spigt. Vervaet wijst erop dat “als die wet er straks ligt, we niet meer terug kunnen. Dan moeten we gewoon en kunnen we niet (meer) zeggen: doen we niet.”

Van der Krogt concludeert dat beiden heel wat bedenkingen hebben bij de implementatie van het nieuwe beleid. Vervaet: “De afstand tot waar ik kansen zie, is te groot! Het enige positieve aan het nieuwe beleid is een goede toets, daar ben ik voor, maar laat die ervan regie bij de gemeenten zitten.” Spigt vult aan: “Ik vind het goed dat mensen hun eigen verantwoordelijkheid gaan dragen, maar er moet een participatietraject achter dat examen aan, waarin je een bijdrage gaat leveren aan de Nederlandse ontwikkeling (ontwikkeling van ons land).

Gevolgen voor ROC’s
In een uitgebreid betoog ging de heer Piet Boekhoud, voorzitter van het College van Bestuur van het Rotterdamse Albeda College, in op de veranderingen voor de ROC’s. “Vergelijk het nieuwe beleid met een nieuw huis, waarin niet iedereen meer mag wonen. Wat is er gaande? Het begrip verantwoordelijkheid verandert in het harde ‘marktdenken’ en ik voel me daar tamelijk beduveld onder. Zes jaar geleden zijn we de hele boel begonnen, zijn we eindelijk op stoom, moeten we het wéér anders gaan doen. Nu we eindelijk de vruchten van het beleid kunnen plukken, moeten we ermee stoppen.”

Boekhoud vervolgt later: “Bij ROC’s gaat er jaarlijks zo’n 30 miljoen euro om in educatie. In 2006 verliezen wij, stel, 20 miljoen. Dan zijn we niet meer aanwezig zoals we nu aanwezig zijn. Dat overleven we niet en daar gaan klappen vallen.”

Doelend op het inburgering in eigen land: “Na het mislukken op Curaçao gaan we het nu eens in 160 andere landen proberen; het begint bij het begrip verantwoordelijkheid. Het Albeda College gaat daar op in spelen, dat kan niet anders. De zorgen blijven: leidt dit niet tot uitsluiting van grote groepen mensen? Als we niets doen, dan is het eindresultaat dat heel veel mensen uitgesloten worden. Op meerdere terreinen en niet alleen op het gebied van inburgering.”

Op naar het Binnenhof
De volgende spreker Tjeerd Hulsman, voorzitter Directie Argonaut (een onderdeel van het Achmea Concern) vraagt zich af waarom we niet met z’n allen op het Binnenhof zitten, als we er allemaal zo over denken. “Er gaat wat gebeuren bij ROC’s. Ik vraag me af wie eigenaar is van welk probleem. Het slot op Nederland moet blijkbaar, maar het slot en dus mensen laten betalen dat gaat te ver! De politieke wind gaat gewoon anders waaien als we gewend zijn, maar probeer van deze ‘bedreiging’ een kans, een doel te maken. Het gaat volgens mij teveel om taal en te weinig om loopbaan. Dat vergeet het kabinet soms, en daar moeten we ze nog van overtuigen.

Inburgeringsketen in verandering
Tijdens de paneldiscussie werd gediscussieerd over de inburgeringsketen in verandering. Deelnemers waren: Van Muijen (procesmanager Divosa, belangenvereniging directeuren van sociale diensten), Vliegenthart (voorzitter BE Raad), Nieuwsma (plv. directeur sociale zaken vereniging VNO-NCW) en Irina Koptova (Russisch inburgeraar). Van Muijen legt uit dat ook bij Divosa de contourennota hard is aangekomen. “Er moet fors bezuinigd worden, en de kwaliteit van inburgering moet omhoog. Dus meer kwaliteit, een grotere doelgroep en minder geld… Wij verwachten grote problemen bij de uitvoering.” Margot Vliegenthart sluit zich aan bij Van Muijen: “Na 1998 hebben we een enorme slag gemaakt en heeft de Taskforce het nodige bereikt. Maar we zijn er nog niet; er is nog nooit nagedacht over hoe de afschaffing van de gedwongen winkelnering er uit moet komen te zien.” Over het afschaffen van de regierol van de gemeenten zegt Vliegenthart: “De markt is niet transparant, de groep is niet zelfredzaam. Die moeten zich nu als koopkrachtige burgers op die markt begeven. Dat zie ik dus niet gebeuren en het lijkt me niet verstandig om dat op deze wijze te doen.”

Nieuwsma: “Die kredietfaciliteit is nodig! En maak een onderscheid tussen NUGgers, oudkomers, nieuwkomers en herintreders. Qua regie is spilfunctie een beter woord, want de regie verdwijnt en de gemeenten moeten een cultuurslag ondergaan.” Volgens Koptova moet de kwaliteit van het onderwijs goed en hoog zijn. “Het duurt nog 11 maanden voordat de inburgering nieuwe stijl van start gaat. En het is voor niemand nog duidelijk!”

Van Muijen: “Dit is niet hoe het per se gaat worden, er gaat nog een boel aan veranderen.” Volgens Nieuwsma is het wel degelijk de uitgezette lijn, dus hij denkt van wel!. Hulsman: “Laat het aan de markt over, ga er geen regels over maken en vraag niet teveel randvoorwaarden. De kern van het probleem is: we kunnen dat straks niet uitvoeren!”

Duale trajecten
Van der Krogt vraagt de panelleden of duale trajecten vanuit het nieuwe bestel nieuwe dynamiek krijgen. Volgens Van Muijen moet er voldoende tijd gegeven worden voor een duaal traject, anders krijg je veel uitval. “Maar daar moet je als gemeente wel geld voor over hebben.” Hulsman: “Duale trajecten zijn goed, ROC’s hebben daar veel ervaring mee. We moeten een slag slaan met de werkgevers uit de regio. Wat hebben we te bieden aan die werkgevers en wat kunnen we daarvoor terugvragen. De ROC’s zitten daarbij in een goede positie.”

Nieuwsma: “Ga in die nieuwe lijn mee, en maak nu alvast gebruik van je contacten met ROC’s!”

Hulsman benadrukt tenslotte dat er meer nagedacht moet worden over hoe je je eigen kracht kunt gebruiken in het nieuwe stelsel.

Nadat alle aanwezigen aan thematafels discussieerden over onder andere de thema’s: Herpositionering BVE en inburgering, De veranderende rol van gemeenten, Inburgering en reïntegratie en Eigen verantwoordelijkheid, zelfsturing en inburgering, sloot dagvoorzitter Van der Krogt de dag af.

InburgerNet werd mogelijk gemaakt door het ministerie van Justitie.