Wachtlijsten voor oudkomers voor NT2
De situatie op
1 december 2000
Voorwoord
De Ministers voor Grote Steden- en
Integratiebeleid, van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen en van
Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de Staatssecretaris van
Volksgezondheid, Welzijn en Sport hebben de Tweede Kamer voorstellen
gedaan voor een verdere aanpak van inburgering. De Tweede Kamer heeft,
door middel van de motie Melkert van 20 april 2000 erop aangedrongen
dat de wachtlijst van personen die op 1 juli 2000 langer dan twee
maanden, dat wil zeggen ten minste vanaf 1 mei 2000, wachten op
taallessen op 1 mei 2001 is weggewerkt. Aan de Kamer is toegezegd dat
ieder kwartaal informatie wordt aangeleverd over de voortgang bij het
wegwerken van deze wachtlijst.
In de periode juli augustus 2000 is
door Regioplan en CINOP een meting verricht naar de aard en omvang van
de wachtlijsten per 1 juli 2000. Met de Tweede Kamer is afgesproken
dat kwartaalsgewijs nog drie vervolgmetingen zullen volgen. Dat levert
de volgende onderzoekscyclus op:
Vervolgmetingen
| |
Veldwerk |
Oplevering |
Status wachtlijst |
|
Vervolgmeting 1 |
december 2000 |
1 februari 2001 |
stand per 1
december 2000 |
|
Vervolgmeting 2 |
maart 2001 |
1 mei 2001 |
stand per 15
februari 2001 |
|
Vervolgmeting 3 |
mei 2001 |
28 juni 2001 |
stand per 1 mei
2001 |
Dit rapport doet verslag van de
eerste van deze drie vervolgmetingen. Het geeft informatie over de
omvang van de wachtlijst van oudkomers voor NT2 op 1 december 2000 en
over de mate waarin personen, die op 1 juli op de wachtlijst stonden
op 1 december nog op de wachtlijst staan. Daarnaast wordt
gerapporteerd over de samenstelling van het NT2 aanbod en de
flexibiliteit van dit aanbod in termen van het aantal instroommomenten
in een NT2 traject.
Terug naar de
samenvatting
Begeleidingscommissie
Het onderzoek is begeleid door een begeleidingscommissie waarin twee
ministeries, de Taskforce Inburgering, de BVE-Raad en de VNG zitting
hadden in de personen van mevrouw E. Vogelaar (Taskforce, voorzitter),
mevrouw I. Ketelaar (VNG), de heer M. Schoon (BVE-Raad), mevrouw
T. Maragou en C. Herstel (Ministerie
van BZK) en mevrouw M. Bronkhorst en de heer P. Vrancken (Ministerie
van OCW).
1
Inleiding
1.1
Enkele begrippen
De definitie van de wachtlijst
In de definitie voor de wachtlijst houden we een wachtperiode van
minimaal twee maanden aan. Uitgaande van de peildatum van 1 december
2000 gaat het dus om personen die voor 1 oktober zichzelf hadden
aangemeld of door instanties als de sociale dienst waren aangemeld
voor deelname aan een NT2 traject en op 1 december nog niet zijn
begonnen aan zoon traject. Een wachtperiode van minimaal twee maanden
is ook in het onderzoek naar de wachtlijst van 1 juli 2000 gehanteerd
(zie Bos, e.a., 2000).
In de meting van 1 juli 2000 is naar
voren gekomen dat ROC's soms meerdere typen wachtlijsten
hanteren. Evenals in de nulmeting, worden ook in dit onderzoek de
overzichten van ROC's , die door hen als wachtlijst worden aangemerkt,
als wachtlijsten overgenomen. Op eigen initiatief of onder invloed van
de Taskforce Inburgering zijn tussen 1 juli en 1 december sommige
ROC's ertoe overgegaan verschillende lijsten te integreren. Daar
waar de wachtlijst in een nieuwe opzet beschikbaar was in de
veldwerkperiode van de meting van de wachtlijst van 1 december 2000,
is deze betrokken in het onderzoek (ROC's in Utrecht en
Tilburg).
In navolging van de rapportage over
de meting van de wachtlijst van 1 juli 2000 wordt in deze rapportage
de omvang van de wachtlijsten voor NT2 in kaart gebracht op basis van
door de ROC's aangeleverde persoonsgegevens. Hierbij is door de
onderzoekers geen preselectie gemaakt van personen die wel of niet tot
de groep oudkomers gerekend kunnen worden. Alleen personen die op
grond van de aangeleverde gegevens evident tot de groep nieuwkomers
kunnen worden gerekend, zijn van de wachtlijsten verwijderd. In de
praktijk komt dit neer op het in kaart brengen van personen die
wachten op deelname aan een NT2 traject en waarmee niet in het kader
van de WIN een inburgeringsovereenkomst is afgesloten.
Het begrip locatie
Wachtlijsten van personen die wachten op deelname aan een NT2 traject
kunnen centraal of decentraal worden bijgehouden door een ROC. Als
wachtlijsten centraal worden bijgehouden duiden we de plaatsen waar
wachtlijsten worden geadministreerd aan als ROC. Als wachtlijsten
decentraal worden bijgehouden duiden we de plaatsen waar wachtlijsten
worden geadministreerd aan als locaties.
Locaties zijn in dit verband dus
niet de plaatsen waar het ROC NT2 trajecten aanbiedt, maar de plaatsen
waar wachtlijsten worden bijgehouden. Contacten met de ROC's en
de locaties maken duidelijk dat het aantal locaties aan verandering
onderhevig is. In vergelijking tot de meting van de wachtlijst van 1
juli 2000 blijkt een aantal ROC's hun wachtlijstadministratie op een
beperkter aantal locaties te centraliseren. Deze centralisatie heeft
dus geen betrekking op het aantal plaatsen waar NT2 wordt gegeven,
maar uitsluitend op de plaatsen waar wachtlijstadministraties worden
bijgehouden.
Opschonen
ROC's is gevraagd wachtlijsten aan te leveren waarvan
nieuwkomers zijn verwijderd en waarin alleen personen zijn opgenomen
die minimaal twee maanden op deelname aan een traject wachten. De door
de ROC's en locaties aangeleverde wachtlijsten zijn vervolgens
door de onderzoekers voor invoering in het centrale wachtlijstbestand
gecheckt op de correcte toepassing van de minimale wachtperiode (twee
maanden). Ook is nagegaan of er geen nieuwkomers in het aangeleverde
bestand waren opgenomen. Bij het controleren van het bestand op de
aanwezigheid van nieuwkomers zijn alleen personen verwijderd als ze in
het bestand als nieuwkomer waren aanduid. De onderzoekers hebben geen
personen verwijderd, waarvan de datum van vestiging in Nederland de
indruk geeft dat het om nieuwkomers gaat, maar die door het ROC niet
als zodanig zijn aangemerkt. Door deze checks zijn de gegevens van een
aantal personen, die wel door de ROC's zijn aangeleverd, niet in
het centrale bestand opgenomen.
Het centrale bestand is vervolgens
gecheckt op dubbeltellingen. Dat wil zeggen dat gecontroleerd is of
namen meer dan eenmaal voorkomen. Er is gecheckt op NAW gegevens, op
geboortedatum en op persoonsnummer.
Verificatie
Ondanks de krappe planning van de eerste vervolgmeting, het onderzoek
is uitgevoerd in de periode tussen begin december en eind januari, is
in overleg tussen de begeleidingscommissie en de onderzoekers besloten
alle ROC's en wachtlijstleverende locaties de gelegenheid te
geven de door de onderzoekers opgeschoonde wachtlijsten van 1 juli
2000 en van 1 december 2000 te controleren en te verifiëren. Nagenoeg
alle contactpersonen hebben de eigen wachtlijst(en) en de overlap met
de eigen administratie vergeleken; n ROC had geen behoefte aan
verificatie. Van de overige 41 hebben 31 de wachtlijsten van 1 juli
en/of van 1 december zonder wijzigingen geaccordeerd. Voor tien ROC's
heeft de verificatieronde tot bijstellingen van hun wachtlijst(en)
geleid; in vier gevallen tot een bijstelling van de wachtlijst van 1
juli, in vijf gevallen tot bijstelling van de wachtlijst van 1
december en in n geval tot een bijstelling van beide wachtlijsten
(vanwege een afwijkende interpretatie van de definitie van een
wachtlijst). De bijstellingen in het decemberbestand zijn in deze
rapportage over de wachtlijst van 1 december verwerkt. Een overzicht
van de bijstellingen in het julibestand is in Bijlage 1 van deze
rapportage opgenomen. In dit overzicht staan alle mutaties in de
wachtlijst van 1 juli. Dat wil zeggen dat ook correcties zijn
opgenomen die de onderzoekers in de periode voorafgaand aan de
verificatieronde op het spoor zijn gekomen.
Het meten van de overlap tussen
de wachtlijst van 1 juli en 1 december 2000
Onderdeel van deze meting is het in kaart brengen van de overlap
tussen de wachtlijsten van 1 juli en 1 december 2000. Met overlap
wordt het aantal personen bedoeld dat op beide wachtlijsten staat en
dus tussen 1 juli en 1 oktober niet van de wachtlijst is verdwenen.
Deze overlap is in twee fasen berekend. In de eerste plaats door het
vergelijken van de persoonsgegevens op beide bestanden: naast een
vergelijking op naam, woonadres en geboortedatum zijn de door de ROC's
aan een persoon toegekende persoonsnummers vergeleken. Daar waar deze
viervoudige check door ontbreken van gegevens over geboortedatum en
persoonsnummer niet mogelijk was, is de vergelijking achterwege
gebleven. De ervaring leert dat alleen een vergelijking op naam en
adres riskant is: een naamsverschrijving van n letter en de
mogelijkheid van een tussentijdse verhuizing maken een zorgvuldige
interpretatie van mutaties op uitsluitend deze twee categorieën niet
mogelijk. In de tweede plaats zijn in de verificatieronde (zie
hiervoor) de aanleverende ROC's en locaties gevraagd te kijken
naar de samenstelling van de groep personen die, naar de interpretatie
van de onderzoekers, op de wachtlijst van 1 december is blijven staan.
Onze contactpersonen kennen in een aantal gevallen de betrokken
personen en kunnen vanuit deze kennis de interpretatie van de door de
onderzoekers aangemerkte overlap nalopen.
Lees verder
->
Naar inhoud -> |