
Tabel 4.4 presenteert het totaal
aantal groepen over alle ROC's per cursustype. Tevens geeft de tabel
het aantal cursisten dat deelneemt aan de betreffende cursus en de
gemiddelde groepsgrootte in de peilperiode van 1 september tot 1
december. Het aantal cursisten is berekend op basis van de gemiddelde
groepsgrootte vermenigvuldigd met het aantal groepen per
cursustype/ROC en dient dus met enige voorzichtigheid te worden
gehanteerd. Uit tabel 4.4 kan worden afgeleid dat er in de peilperiode
49 919 personen aan een cursus uit het standaardaanbod deelnamen. Dit
cijfer moet met de nodige voorzichtigheid worden geïnterpreteerd omdat
het is berekend op grond van het aantal groepen en de gemiddelde
groepsgrootte.
Opvallend is het relatief grote
aantal groepen en deelnemers aan niet intensieve dagtrajecten op het
niveau van alfabetisering- en laagopgeleiden. Binnen het
alfabetiseringsaanbod en het aanbod voor laagopgeleiden is dit de
grootste groep. Voor het aanbod voor midden- en hoogopgeleiden ligt
het anders; daar zitten in de intensieve dagcursussen de grootste
groepen deelnemers. Uit deze tabel 4.4 kunnen we nog een conclusie
trekken; de gemiddelde groepsgrootte loopt over de gehele linie niet
ver uiteen en is volgens verwachting in de (niet intensieve)
alfabetiseringstrajecten het laagst. Hoe zit het met de avondgroepen?
Uit tabel 4.4 kunnen we afleiden dat van de in totaal 3671 groepen die
in de peilperiode gebruik maken van het standaardaanbod, er 521
avondgroepen zijn, dat is 14 procent van het totaal.
Tabel 4.4: Per cursusaanbod het totaal aantal groepen, het totaal
aantal cursisten en het gemiddeld aantal cursisten per groep
|
|
aantal groepen |
aantal cursisten |
gemiddelde groepsgrootte |
|
alfabetisering intensief dag |
168 |
2000 |
12 |
|
alfabetisering niet intensief dag |
481 |
4672 |
10 |
|
alfabetisering niet intensief avond |
55 |
414 |
8 |
|
laagopgeleiden intensief dag |
595 |
8622 |
15 |
|
laagopgeleiden niet intensief dag |
699 |
9056 |
13 |
|
laagopgeleiden niet intensief avond |
319 |
4081 |
13 |
|
middenopgeleiden intensief dag |
333 |
5706 |
17 |
|
middenopgeleiden niet intensief dag |
107 |
1722 |
16 |
|
middenopgeleiden niet intensief avond |
147 |
2268 |
15 |
|
hoogopgeleiden intensief dag |
364 |
5610 |
15 |
|
hoogopgeleiden niet intensief dag |
135 |
1634 |
12 |
|
hoogopgeleiden niet intensief avond |
268 |
4134 |
15 |
4.4
Het aanbod naast het standaardaanbod
Het merendeel van de ROC's
verzorgt, naast de door ons als standaardpakket aangeduide typen
cursussen ook nog additioneel cursusaanbod; 34 van de 42 ROC's hebben
een additioneel aanbod.
Tabel 4.5 laat zien hoe het
additionele aanbod er in hoofdlijnen uitziet. Er is geen type
aanvullend aanbod dat door alle ROC's wordt verzorgd. In die zin
is het echt additioneel aanbod; het bestaat uit een diversiteit aan
trajecten die naast het standaardpakket worden aangeboden. Dat geldt
dus ook voor niet-exclusieve taaltrajecten (combinaties van taal en
oudereducatie, taal en nevenschakeling naar het MBO, taal en
maatschappelijke oriëntatie, enzovoort). Ook deze trajecten worden
niet standaard aangeboden. In totaal kan 54 procent van het
additionele aanbod in de categorieën van tabel 4.5 worden beschreven.
In de rapportage van september is aangegeven dat pure NT2 cursussen
het hoofdaandeel van het aanbod vormen (pagina 65), de cijfers van
december vormen geen aanleiding om deze conclusie te herzien.
Het overige aanbod, dat niet in tabel
4.5 is opgenomen, bestaat uit een grote diversiteit van trajecten:
trajecten voor laagopgeleide ouderen (twee ROC's), taalstages (twee
ROC's), trajecten speciaal voor jongeren (twee ROC's), vaktaal,
Turks-Nederlands, een schakeljaar voor hoger opgeleiden, een traject
voor Duitstaligen, enzovoort.
Terug naar de
samenvatting
Tabel 4.5: Het door ROC's verzorgde additionele aanbod
|
Additioneel aanbod |
Aantal ROC's |
| Spreekvaardigheid |
6 |
|
voorbereidend/aanvullend |
12 |
| Examentraining |
9 |
| avondgroepen
(gemengde samenstelling) |
13 |
| Staatsexamen |
11 |
| niet-exclusieve
taaltrajecten |
10 |
De deelname aan het additionele
aanbod is niet te berekenen, omdat een aantal ROC's zich heeft
beperkt tot een opgave van de diversiteit aan cursussen en per type
geen uitwerking heeft gegeven in de vorm van een opgave van het aantal
groepen en het gemiddelde aantal deelnemers per groep.
4.5
Het instroombeleid
Van n ROC is het instroombeleid
onbekend. Tabel 4.6 laat zien dat negentien ROC's hun gehele
instroom hebben geflexibiliseerd in de zin dat ze mogelijkheid tot
continue instroom bieden. Met continue instroom bedoelen wij dat
trajecten zodanig zijn ingericht dat een cursist op ieder moment kan
beginnen met zijn/haar traject. In de praktijk kent continue instroom
vele verschijningsvormen. Bij wijze van voorbeeld vier varianten. Het
spreekt voor zich dat het netto instroomeffect van deze vier
modaliteiten verschillend is; het maakt nogal wat uit of er elk moment
een nieuwe groep kan starten of dat iemand moet wachten tot een andere
persoon uitvalt:
- personen worden bijgeplaatst tot
een groep vol is (eventueel tot het moment dat de groep een maand
draait)
- personen worden bijgeplaatst als
iemand tussentijds is gestopt
- personen worden direct in een
instroomgroep geplaatst en na verloop van tijd uitgeplaatst naar de
beoogde cursus
- Het ROC/de locatie is in staat om
op elk moment (bij voldoende vraag) een nieuwe groep te starten.
Ten behoeve van de overzichtelijkheid
hebben we ook ROC's die te kennen gaven met vaste
instroommomenten te werken, bijvoorbeeld twee in de door ons
aangegeven periode, maar daarnaast in dezelfde cursussen ook
mogelijkheden tot continue instroom bieden, opgenomen in de categorie
continu instroom. Hetzelfde geldt voor ROC's die aangeven cursisten
ook buiten de vaste instroommomenten bij te plaatsen in een cursus.
Tien ROC's voeren een beleid
van vaste instroommomenten; dit varieert van n instroommoment tot
zeven instroommomenten in de periode 1 september tot 1 december. Bij
deze groep ROC's wordt voor elk type cursus hetzelfde
instroombeleid gevoerd. Ten slotte geldt voor elf ROC's dat het
aantal instroommomenten afhankelijk is van het type cursus. Er kan
geen relatie tussen het type cursus en het aantal instroommomenten
worden gevonden; het is bijvoorbeeld niet zo dat trajecten voor hoger
opgeleiden of avondtrajecten structureel meer of minder
instroommomenten kennen. Het is echter aannemelijk dat ROC's
zich in dit verband door de wetten van vraag en aanbod laten leiden.
Tabel 4.6: Instroombeleid
|
Instroombeleid |
Aantal ROC's |
| Continu instroom |
19 |
| Vast aantal
instroommomenten ongeacht type cursus |
10 |
| Variërend aantal
instroommomenten, afhankelijk van type cursus |
12 |
Kijken we naar de ROC's die
voor hun hele aanbod vaste instroommomenten hanteren, dan zien we dat
deze kunnen variëren van een tot vier in de periode van 1 september
tot 1 december (drie maanden); drie ROC's hebben in deze periode
n instroommoment, de helft (vijf) biedt ongeveer om de zes weken de
mogelijkheid tot instroming. Geen enkel ROC heeft in deze periode geen
(nul) instroommomenten. Omdat de peilperiode direct na de
zomervakantie valt is dat niet verrassend:
Tabel 4.7:
Aantal vaste instroommomenten
|
Aantal instroommomenten |
Aantal ROC's |
| 1 |
3 |
| 2 |
5 |
| 3 |
-- |
| 4 |
2 |
| Totaal |
10 |
Lees verder
->
Naar inhoud ->
Pagina terug -> |