Vragen, antwoorden
Op deze pagina beantwoorden wij, met
hulp van de betrokken ministeries en de helpdesk CFI, vragen over alle
facetten van inburgering. Aarzel dus niet uw vragen te stellen:
Vragen
Statuswijziging en inburgering
Een vrouwelijk persoon komt voor
gezinshereniging c.q. gezinsvorming naar Nederland. Zij komt er echter
achter dat haar partner, nadat het inburgering traject is ingezet,
inmiddels een relatie heeft met een Nederlandse ingezetene. Inmiddels
is zij volop bezig met integratie en scholing, ook heeft zij naast de
verplichte studie een baan voor tenminste 20 uur per week, hetgeen
voor haar inburgering een positief effect geeft. Zij wil dan ook aan
haar toekomst in Nederland werken. Nu ontstaat in haar geval ook een
relatie met een Nederlands ingezetene, en zij hebben samen de plannen
om binnen het jaar te gaan trouwen.
Nu komt de vraag: kan bij toetsing van haar status op basis van haar
eerdere toelating in Nederland op gezinshereniging c.q. gezinsvorming
het definitieve verblijf afgewezen worden.
Voorts wat zijn de mogelijkheden om vanuit haar nieuwe situatie haar
verblijf te bestendigen?
H. Bal
Antwoord van de redactie:
Voor elke nieuwkomer wordt een beschikking
afgegeven. Het feit dat de status van deze persoon daarna wijzigt doet
niet ter zake. De vreemdelingendienst zal een besluit moeten nemen
over de toekomst van deze mevrouw. Dat kan zijn dat ze mag blijven
(verblijf bij "nieuwe" partner) of uitwijzen. Tot die tijd kan
betrokkene blijven inburgeren.
Nederlands leren via computer en internet
Bij deze wil ik u vragen waar
ik geschikt NT-2 lesmateriaal kan verkrijgen voor mijn echtgenote die
binnenkort naar Nederland komt. Ik ben met name geïnteresseerd in
lesmateriaal die je met een computer kan gebruiken.
M. Enkur
Antwoord van de redactie:
In iedere goede boekhandel zijn de methoden
te vinden die iemand zou kunnen gebruiken, soms ook interactief
beschikbaar - Delfste methode onder andere.
Op het internet biedt COACH/Taalsupport intensieve taaltrainingen op
de webpagina
http://www.taalsupport.nl/taaltrainingen.htm
Hoe
kun je bevoegd MO- docent worden?
Hoe kun je bevoegd MO- docent worden?
Antwoord van de redactie:
Bevoegd ben je met een
lerarenopleiding. Een andere optie is de Post-HBO opleiding NT2, een
duale opleiding, die draait in Rotterdam en Utrecht.
- Hogeschool van Utrecht/ CENTO,
030-2547313
- Hogeschool Rotterdam en omstreken,
010-2414440
Bron: Les nr. 98 (17), april 1999, p.
18 ev.
Maar in geen van beide gevallen zul
je veel horen over MO. Voor MO bestaat namelijk geen specifieke
opleiding. Dus bevoegd en bekwaam zijn wellicht verschillende
verhalen.
De Transfergroep Rotterdam en
omstreken heeft ooit eens iets in de richting van MO gedaan (1998).
Het is ons niet bekend of ze dat nog doen. Wat er inmiddels wel is, is
een scholingskatern voor MO: MO, een echt vak. Te bestellen bij
Forum, Instituut voor Multiculturele Ontwikkeling (Utrecht). ROC's
kunnen hiermee zelf docenten scholen.
Nieuwkomer met de Nederlandse
nationaliteit en WIN
Hoe om te gaan met vreemdelingen (bijv. ex-Roa-klanten) die onder de
WIN vallen en gedurende het WIN- traject de Nederlandse nationaliteit
krijgen? Vallen zij op dat moment niet meer onder de WIN ook als zij
een dubbele nationaliteit hebben?
Corina Evers (BNA)
Antwoord van de redactie:
Op het moment dat een nieuwkomer de
Nederlandse nationaliteit verkrijgt, valt hij/ zij niet meer onder de
WIN. De nieuwkomer kan op vrijwillige basis het vastgestelde
inburgeringsprogramma afronden. Dit is echter zeker niet verplicht: er
kunnen dan ook geen boetes worden opgelegd voor het niet nakomen van
verplichtingen.
terug
naar boven
T2
systematiek en WIN certificaten
In hoeverre tellen in de T-2 systematiek de
uitgereikte WIN-certificaten mee voor wat betreft de financiering?
Rombout Colijn,
trajectbegeleider St. VluchtelingenWerk Waddinxveen e.o.
Antwoord van de redactie:
Het WIN certificaat telt niet mee voor de T2
systematiek. Wel is een van de bekostigingscriteria het kunnen
overleggen van een verklaring van deelname aan de eindtoets. Deze
verklaring wordt uitgereikt door het ROC aan de nieuwkomer. En er gaat
een afschrift van naar de gemeente. Op de verklaring staan ook de
resultaten van de toets.
Ontheffing
mogelijk op grond van leeftijd?
Een nieuwkomer die 70 jaar oud is,
wil niet aan het inburgeringsprogramma deelnemen. Op welke wettelijke
grondslag zijn er mogelijkheden voor ontheffing van de meldingsplicht
en deelneming aan het inburgeringsprogramma?
Alex Groen
Antwoord van de redactie:
Een nieuwkomer kan geen ontheffing
vragen op basis van zijn/ haar leeftijd, want er is aan de plicht tot
inburgering geen leeftijdslimiet verbonden. Het is echter wel mogelijk
ontheffing te vragen op basis van lichamelijke of psychische klachten.
terug
naar boven
Rol van afdeling
Burgerzaken binnen de WIN
Volgens het hoofd van de afdeling
Burgerzaken in onze gemeente, speelt deze afdeling geen rol binnen de
uitvoering van de WIN. Hij schrijft hierover het volgende:
"Naar mijn mening begint het traject van de WIN pas op het moment dat
er een beslissing genomen wordt betreffende het verblijf. De
beslissing wordt pas genomen nadat de leges voor de aanvraag van een
VTV zijn ontvangen, vaak gaat hier enkele maanden overheen. De
beschikking wordt uitgereikt door de VD en die geeft tevens een
informatiepakket mee betreffende de WIN.
Per 1 januari a.s. is het de bedoeling dat in deze regio (Noord
-Brabant) de vreemdeling zich als eerste aanmeldt bij onze afdeling,
wij verrichten enkele handelingen voor de VD, plakken sticker 1e
aanmelding, innen de leges en sturen vervolgens de gegevens door naar
de VD te Eindhoven. De tijdswinst zit in het accuraat verwerken en
beoordelen van de documenten en in het direct innen van de leges. De
verdere afhandeling gaat daarna schriftelijk vanuit de VD. Op het
moment dat de beschikking over het verblijf is genomen en het
verblijfsdocument wordt uitgereikt, geeft de VD aan de WIN-ambtenaar
kennis van verblijf. Aldus concludeer ik dat de afdeling Burgerzaken
momenteel maar ook niet in de toekomst niet betrokken is bij de
uitvoering van de WIN".
Mijn vraag aan u is of dit klopt?
M. van Santvoort,
Mierlo
Antwoord van de redactie:
"Alle nieuwkomers moeten zich
aanmelden voor het inburgeringsonderzoek bij de instantie die het
inburgeringsonderzoek uitvoert. Dit moet binnen zes weken na de
inschrijving in de GBA dan wel binnen zes weken na de uitreiking van
het verblijfsdocument plaatsvinden& & (zie BI-13 Elsevier Handboek WIN)
& & De nieuwkomer die vreemdeling is krijgt het aanmeldingsformulier
tegelijk met de beschikking waarin hem de vergunning tot verblijf dan
wel de status van vluchteling wordt verleend. De nieuwkomer die
Nederlander is, krijgt het formulier op het moment dat hij zich meldt
ten behoeve van de opname in de GBA (gemeentelijke basis
administratie).
Om te voorkomen dat deze laatste groep de "De nieuwkomer die
Nederlander is"over het hoofd wordt gezien, moet de GBA bij
inschrijving dus checken aan de hand van de formele criteria (die ook
in het Handboek worden genoemd BI-12) of een persoon al dan niet onder
de WIN valt.
Voorts is het zo dat een standaarduitdraai uit het GBA te weinig info
bevat voor de selectie van de potentiële doelgroep& "Het verdient
aanbeveling om op basis van afspraken tussen de Afdeling
Bevolkingszaken/GBA en Bureau Nieuwkomers er voor te zorgen dat het
bewijs van aanmelding ook aanvullende informatie bevat die voor het
Bureau Nieuwkomers relevant is, zoals datum aankomst Nederland, eerste
woonplaats etc (Handboek BI-11)
Het is dus wenselijk dat er gemeentelijk een sluitende aanpak is voor
de binnenkomst van nieuwkomers in de gemeente. Het rijk schrijft niet
voor hoe dat moet, maar in veel gevallen leert de ervaring dat een rol
van Burgerzaken of de afdeling Bevolkingszaken wel degelijk een
meerwaarde heeft. Men is namelijk verplicht zich te melden en dat
levert een aanknopingspunt voor nadere informatie en verwijzing. De
invulling van de rollen is natuurlijk aan de taakverdelingen en
opvattingen ter plaatse gebonden, maar samenwerking, dat helpt!
terug
naar boven
Randvoorwaarden regelgeving financiering
Welke randvoorwaarden zijn in de regelgeving
vastgelegd t.a.v. de financiering van de uitvoerings(apparaats)kosten
van de WIN, (buiten in te kopen educatie- en welzijnstrajecten?)
Kortom, zijn er beperkingen rond de subsidiering vanuit het RIJK over
dit punt, (vastgelegd in het Bekostigingsbesluit.)
Th. den Hertog.
Antwoord redactie:
De Rijksbijdrage voor de WIN is bestemd voor
alle kosten die komen kijken bij de uitvoering van de WIN, zoals
apparaatskosten, personeelskosten et cetera. Die kosten zijn vaak ook
verwerkt in de met de ROC s afgesloten contracten. Er zijn geen
beperkingen, zolang de kosten maar een duidelijke relatie tot de WIN
hebben.
terug
naar boven
Nederlanders, niet-Nederlanders en de
WIN
Voor zover mij bekend is bestaan er
zeer uiteenlopende criteria voor Nederlanders en niet-Nederlanders
over de vraag of zij onder de WIN vallen. Hierover een aantal vragen,
voortkomend uit mijn werk: A - Klopt het dat een Nederlander die zich
voor het eerst in Nederland vestigt vanuit België tot de doelgroep
behoort, en een Belg die hetzelfde doet niet? Zo ja, op welke
inhoudelijke grond worden Nederlanders die zich voor het eerst in
Nederland vestigen anders behandeld dan buitenlanders?
B - Met welke landen buiten de EU/EER
bestaan verdragen op grond waarvan personen (niet-Nederlanders)
afkomstig uit het desbetreffende land niet onder de WIN vallen? Zelf
ben ik tot de V.S. en Polen gekomen. Kunt u mij vertellen indien er
dergelijke speciale verdragen en uitzonderingen op de
doelgroepbepaling bestaan, waar ik deze besluiten terug kan vinden
(bijvoorbeeld in welk nummer van de Staatscourant)?.
C - staat de uitsluiting van de WIN
van bepaalde nationaliteiten of herkomstlanden niet op gespannen voet
met anti discriminatie en gelijke behandeling wet- en regelgeving?
D - het inburgeringsprogramma is
ontworpen om immigranten niet in achterstandsituaties terecht te laten
komen en wordt gedefinieerd in termen van zelfredzaamheid. Waarom
wordt dan bij de doelgroepbepaling dit criterium (de mate van
achterstand of zelfredzaamheid) niet gehanteerd?
E - is het nut van de WIN al
aangetoond, d.w.z. heeft onderzoek uitgewezen dat de integratie van
immigranten op dit moment beter verloopt dan voor de WIN?
Frank van Soest/
Bureau Nieuwkomers Utrecht
Antwoord van de redactie:
A- Een Nederlander geboren buiten Nederland(se) behoort tot de
doelgroep als hij/ zij zich in Nederland vestigt. Zie WIN, artikel 1.
Een Belg is een EU-onderdaan en behoort op die grond niet tot de
doelgroep van de WIN.
B- Naast de speciale verdragen met
Polen en de VS die u zelf noemt is er ook nog: het Besluit
Associatieraad EEG Turkije dat geldt voor Turkse werknemers die langer
dan één jaar in Nederland zijn toegelaten.
Zie voor meer informatie hierover:
Memorie van Toelichting Kamerstuk 25114. nr 3 uit 1996/97 SDU 070
3789830
C/ D - Vragen C en D zijn meer
discussievraagstukken: wij zullen deze dan ook opnemen op de
Discussiepagina.
E Er is een Voortgangsreportage
Inburgering, uit vergaderjaar 1999/2000 Kamerstuk 27038. nr 2. SDU
tel.: 070 3789830
terug
naar boven
Resturen en inburgeringscertificaat
Een nieuwkomer heeft de
inburgeringsprogramma gevolgd voor lager opgeleiden. Hij heeft de
profieltoets gedaan en op 1 onderdeel niveau 1 behaald. Op 3
onderdelen scoort hij nog onder niveau 1. Na anderhalf jaar heeft hij
450 uur les gehad (hij heeft het inburgeringsprogramma dus niet binnen
de maximale tijd afgerond). Krijgt deze nieuwkomer wel of niet een
inburgeringscertificaat uitgereikt?
A. Brandt Zwart,
Zaanstad.
Antwoord van de redactie:
Als de nieuwkomer aan zijn verplichtingen zoals vastgelegd in de
beschikking heeft voldaan, dan ontvangt hij of zij het certificaat.
Van behaalde onderdelen wordt het niveau vermeld. Wanneer de maximale
termijn van 1,5 jaar voor het inburgeringsprogramma verstreken is,
maar nog niet alle in de beschikking vastgelegde lesuren zijn
opgemaakt dan hoeft de gemeente deze niet meer aan te bieden maar
het kan wel. De gemeente moet dan met het ROC om de tafel gaan zitten,
want op basis van de onderwijsovereenkomst heeft de nieuwkomer immers
nog recht op die lesuren.
terug
naar boven
In welke gemeenten wordt NT2 gegeven?
Ik wilde graag weten of er een lijst
beschikbaar is van gemeenten in Nederland waar NT2 onderwijs wordt
gegeven (of een relevant adres/ e- mailadres)?
Stan
van Laarhoven
Antwoord van de redactie:
Gemeenten sluiten contracten
af met één of meer ROC s. Soms ligt het ROC in de gemeente zelf, soms
ook in een andere gemeente. Wij beschikken niet over zo n lijst, maar
hier zijn twee adressen waar u wellicht zo n overzicht zou kunnen
verkrijgen:
www.bve.net, www.ldc.nl
Landelijk Dienstverlenend Centrum 058 - 2334733
terug
naar boven
Ontheffing en vrijstelling voor
Antillianen
Ik ben al aan verschillende loketten
geweest bij mijn gemeente. Niemand schijnt echt te weten wat de regels
nu precies zijn. Ik ben een opgeleide Antilliaanse (pedagogische
academie, leerkracht basisonderwijs onderbouw), spreek perfect
Nederlands en ben nieuwkomer in Nederland. Moet ik nu wel of niet een
inburgeringscursus doen. Wie het weet mag het zeggen.
ZFR
Antwoord van de redactie:
Voor informatie over ontheffing van de WIN
voor Antillianen, zie: Regeling Overzicht Nederland Antilliaanse en
Arubaanse opleidingen en Diplomavergelijking Nederlandse Nieuwkomers.
Daarin staan de opleidingen en benodigde cijfers aangegeven op grond
waarvan men in aanmerking kan komen voor ontheffing van de WIN. Zie
hiervoor het Handboek WIN.
Als ontheffing op basis daarvan niet mogelijk is, dan zal het
inburgeringsonderzoek moeten worden uitgevoerd en kan op basis daarvan
bekeken worden of vrijstelling op bepaalde onderdelen mogelijk is.
terug
naar boven
Inburgeren en werk
Regelmatig komt het voor dat mensen met
een VVTV reeds een betaalde baan hebben op het moment dat zij status
ontvangen en onder de doelgroep van de WIN vallen. In veel gevallen
gaat het hier om ongeschoolde arbeid waarbij men vaak te maken heeft
met wisseldiensten. In de WIN is aangegeven dat het hebben van
betaalde arbeid geen reden is voor vrijstelling van de inburgering.
Ontslag nemen behoort niet tot de opties omdat men dan door eigen
toedoen werkloos wordt.
Bij het ROC wordt voor deze mensen de
gelegenheid geboden om gedurende twee avonden per week aan de slag te
gaan met de methode nieuwe buren. In de praktijk blijkt dit echter
niet veel effect op te leveren omdat met name bij deze groep mensen de
motivatie om iets te leren gering is. Het leren van Nederlands wordt
door hen naast hun werk als extra belasting gezien.
Vragen:
- Hoe hiermee om te gaan?
- Worden er landelijk programma's
ontwikkeld, afgestemd op deze doelgroep?
- Kan een gemeente zelf aangepaste
programma's ontwikkelen of laten ontwikkelen?
- Zo ja, mag dit bekostigd worden
vanuit de WIN?
Wim Amkreutz, Bureau Nieuwkomers
Kerkrade
Antwoord van de redactie:
Inburgering gaat voor werk. Maar de gemeente
dient aan nieuwkomers zoveel mogelijk maatwerk te bieden, zodat
inburgeren en werk gecombineerd kan worden, bijvoorbeeld les in het
weekeinde en de avonduren. Het is bekend dat dit een zware belasting
is. In Zwolle zijn er projecten ontwikkeld: Project Nederlands op de
Werkvloer. Info onder www.inburgernet.nl/vb1828.html. Als er veel
nieuwkomers bij een werkgever werken, kan de werkgever ook
inburgeringscursussen organiseren.
terug
naar boven
Ik ben al ruim een half uur op zoek
naar een eenvoudig adres waar een buitenlander een inburgeringscursus
kan volgen en het enige wat ik vind zijn handboeken, regels,
discussies en weet ik veel wat voor flauwe kul maar het ontbreekt aan
duidelijke, concrete informatie!
U produceert erg veel non-informatie!
Maar misschien vergis ik me. Ik ben op zoek naar een adres, liefst met
een telefoonnummer voor een Marokkaanse man die graag met spoed een
cursus Nederlands wil volgen.
Vast dank voor uw
reactie, Peter Blok.
Antwoord van de redactie:
Het is allereerst belangrijk vast te stellen
of de betreffende persoon, waarvoor u op zoek bent behoort tot de
doelgroep van de WIN. Ofwel of hij voor inburgering in aanmerking
komt. Als er een (eventuele) plicht tot inburgering bestaat dan zou
hij daar opgewezen moeten zijn nadat hij zich vestigde in de eerste
gemeente van huisvesting of bij het verkrijgen van de A- of C- status.
Voor gezinsvormers, - herenigers en asielgerechtigden geldt dat zij
hun status krijgen uitgereikt door de Vreemdelingendienst. Bij die
gelegenheid dient een nieuwkomer een aanmeldings- en
ontheffingsformulier te krijgen. 6 weken na inschrijving in de
gemeente of uitreiking van het verblijfsdocument dient de nieuwkomer
zich dan te melden voor het inburgerings onderzoek. Bij het
inburgeringsonderzoek wordt vastgesteld of iemand voor inburgering in
aanmerking komt en wordt een passend programma opgesteld. Het beste
kunt u eerst nagaan of de betreffende persoon tot de doelgroep van de
WIN behoort, en waarom hij geen aanmeldings- en ontheffingsformulier
heeft ontvangen. U kunt het best informeren bij uw gemeente, soms
wordt de inburgering uitgevoerd op de afdeling Welzijn, maar meestal
bij het Bureau Nieuwkomers. Daarnaast zijn er overigens ook nog
allerlei mogelijkheden om cursussen Nederlands te volgen, zoals
bijvoorbeeld aan de Volksuniversiteit of de universiteit in veel grote
steden. Dergelijke cursussen worden echter doorgaans niet vergoed,
tenzij het ROC (met wie de gemeente een overeenkomst voor inburgering
heeft gesloten) bereid is door te contracteren. De regels en
procedures zoals beschreven op onze website zijn van belang om dit
soort zaken vast te stellen. Voor het verkrijgen van concrete adressen
kunt u zich echter het beste wenden tot de gemeentelijke instantie in
uw woonplaats (die u overigens niet vermeld).
Wij wensen u veel succes, de redactie.
terug
naar boven
Bij ons heerst er enige
onduidelijkheid over de KWINT. Is een KWINT verplicht voor alle
nieuwkomers die in een WIN traject zitten (dus ook voor nieuwkomers
die al werken of alleen sociaal redzaam willen zijn)? Hoe ga je om met
nieuwkomers die nog nauwelijks Nederlands spreken en een erg laag Nt2
niveau hebben (bijv in een alfabetiseringstraject zitten):
moeten zij ook binnen die 18 maanden een KWINT hebben??
M.i. heeft een KWINT voor sommige mensen weinig zin en is het puur een
administratieve rompslomp. Heeft het consequenties voor de
financiering als je besluit om voor sommige mensen geen KWINT uit te
voeren?
Judith Claassens,
Bureau Nieuwkomers Delft
Antwoord van de redactie:
De KWINT is verplicht voor personen die een
uitkering ontvangen, c.q. werkzoekend zijn en op die gronden ook bij
het Arbeidsbureau staan ingeschreven. Voor andere personen is de KWINT
en een inschrijving bij het arbeidsbureau mogelijk (ofwel dat kan op
vrijwillige basis). De KWINT dient plaats te vinden zo n zes weken
voor afsluiting van het inburgeringsprogramma. De KWINT wordt niet
opgenomen in de beschikking/ verklaring en telt dus ook niet officieel
mee voor de financiering.
terug
naar boven
QUOTE : Bepalen van de hoogte van
een boete voor een niet-uitkeringsgerechtigde
Hoe wordt de hoogte van de boete bepaald voor een
niet-uitkeringsgerechtigde? Dient er echt een uitgebreid onderzoek
naar leefomstandigheden (woonsituatie en dergelijke) te worden
uitgevoerd? Of kan worden volstaan met een standaardbedrag (20% van de
basisnorm bijstand voor een alleenstaande, gezin etc.)?
In onze situatie werken de personen absoluut niet mee aan het
inburgerings onderzoek (en dus naar verwachting ook niet aan een
onderzoek naar de woonsituatie ter bepaling van de hoogte van de
boete). Vertraging van een boete oplegging schiet daarentegen haar
doel voorbij, omdat een boete oplegging toch vooral ook is bedoeld om
de nieuwkomer te bewegen terug te keren in het inburgerings proces of
om aan de intake mee te werken.
L. Peters, gemeente
Heerlen
Eerste antwoord van de redactie:
In het Boetebesluit WIN art. 3, 2de lid staat dat als een nieuwkomer
geen uitkering ontvangt, dan bij het vaststellen van de hoogte van de
boete moet worden uitgegaan van de situatie als hij die wel zou
ontvangen. U kunt dan dus uitgaan van 20% van die (hypothetische)
uitkering.
Vraag in vervolg op
dit antwoord:
Graag wil ik weten of deze
boete eenmalig is, dan wel maandelijks?
Jan Willem
Reimelink, Sliedrecht
Tweede antwoord van de redactie:
Het Handboek WIN vermeldt onder FI-4 paragraaf 1.3.3 Niet
bijstandsgerechtigde nieuwkomers het volgende: Bij herhaling van de
verwijtbare gedraging binnen een tijdsvak van 12 maanden bedraagt de
bestuurlijke boete veertig procent van het van toepassing zijnde
normbedrag.
terug
naar boven
Is al bekend wanneer het mogelijk is
om nt2 programma's elders te kunnen inkopen dan bij de huidige ROC s ?
Jaap Haak, Bureau
Nieuwkomers Delft
Antwoord redactie:
Bij de redactie en bij de Helpdesk CFI is hier niets nieuws over
bekend. Gemeenten hebben nog altijd een contract met één (of meer)
ROC('s). Dit wordt ook wel de gedwongen winkelnering genoemd, en het
levert wel vaker problemen op. Het is echter in goed overleg wel
mogelijk om door te contracteren, maar het is van belang dit zo vroeg
mogelijk aan te kaarten. Terugbetaling achteraf van een elders genoten
cursus is niet mogelijk, wel vrijstelling van bepaalde onderdelen van
het inburgeringsprogramma op basis van een elders genoten cursus NT2.
Aan een Arubaanse vrouw werd in 1999
vrijstelling van inburgering verleend, met als voorwaarde dat zij voor
01 juli 2000 betaald werk moest hebben gevonden. In 1999 was er
namelijk uitzicht op een baan. Inmiddels blijkt dat betrokkene er niet
in is geslaagd werk te vinden. Zij zal daarom alsnog in het kader van
de Wet inburgering nieuwkomers een programma van acht weken volgen,
waarin de vakken beroepenoriëntatie, communicatieve vaardigheden,
ondersteunend Nederlands en digitale vaardigheden worden gegeven. Dit
project is bedoeld als opstap naar een vervolgopleiding. Hoe nu
verder? Kan er alsnog een inburgeringbeschikking worden afgegeven en
wat te doen met de meetgegevens van het CF. De
vrijstellingsbeschikking telt namelijk mee voor 1999. Indien
betrokkene het programma afrondt, kan de gemeente dan alsnog voor de
resterende 70% van de vergoeding voor inburgering in aanmerking komen?
Heleen Rijpma,
medewerker sector burgerzaken, gemeente Ferwerderadiel.
Antwoord van de redactie:
Nee, de regel is dat het niet
mogelijk een beschikking te herzien, tenzij kan worden aangetoond dat
door de gemeente een aperte fout is gemaakt. Dat is hier echter niet
het geval want het besluit tot deze beschikking is in overleg met de
nieuwkomer genomen.
terug
naar boven
Begin juli immigreert mijn
vriendin naar Nederland. Thans studeert zij af als arts. Ik heb haar
bij de Universiteit van Amsterdam (UvA) inschreven voor de cursus
Nederlands. Zij is inmiddels tot de cursus toegelaten. De cursus wordt
verzorgd en gegeven door het Instituut Nederlands als Tweede Taal
(INTT) van de UvA. De cursus start in september en duurt een jaar. De
cursus moet worden afgesloten met het Staatsexamen NT2, II. Wanneer ze
voor dit examen slaagt, dan kan ze haar studie medicijnen aan de UvA
voltooien.
De cursus Nederlands kost ongeveer f 3.000. Ook zal ze f 5.000 aan
treinkosten (jaartrajectkaart Pijnacker - Amsterdam) en ongeveer f 650
(tweezonejaarabonnement) moeten bekostigen. Kan zij in het kader van
haar inburgering een deel of alle kosten die aan de cursus Nederlands
zijn verbonden vergoed krijgen? Of bestaat er een mogelijkheid om een
deel van deze kosten van de belasting te kunnen aftrekken? In antwoord
op uw reactie dank ik u alvast.
Heiko Dantuma,
Pijnacker
Antwoord redactie:
Uw vriendin zal een oproep voor het inburgeringsonderzoek ontvangen en
is verplicht hieraan deel te nemen. In het kader van het
inburgeringsprogramma kan zij een cursus NT2 aan een ROC volgen.
Gemeenten hebben contracten afgesloten met ROC s. En alleen cursussen
NT@ die aan het ROC worden gevolgd worden binnen het kader van het
inburgeringsprogramma vergoed. Een enkele keer is het ROC wel bereid
door te contracteren. Om dit goed te regelen is het van belang dit zo
snel mogelijk aan te kaarten. Als uw vriendin bij aanvang van het
inburgeringsprogramma al Nederlands geleerd heeft aan de UvA (op eigen
kosten), dan kan zij wel vrijstelling krijgen. Overigens verschilt het
al dan niet vergoeden van reiskosten per gemeente. Gemeenten zijn
hiertoe niet verplicht. Over mogelijkheden om dit soort zaken van de
belasting af te trekken kunt u het best contact opnemen met de
Belastingdienst.
Graag verwijs ik u naar het
SIBIO Artsenproject, waarover u informatie
vindt op Inburgernet. Want: voor het werkzaam zijn als arts is een
goede en soepele beheersing van de Nederlandse taal met het oog op de
communicatie met de patiënt van het hoogste belang. De 600 uur van het
inburgeringsprogramma zijn hiervoor niet toereikend. Bovendien hebben
veel artsen een relatief hoog studietempo. SIBIO is bezig een methode
te ontwikkelen waarmee artsen de zeshonderd uur zo optimaal mogelijk
kunnen benutten, onder meer door het samenstellen van een pakket voor
medisch taalgebruik. Bij sommige ROC's
wordt hier al mee gewerkt. Ook kan SIBIO bemiddelen en begeleiden bij
het vinden van taalstages bij een gezondheidszorginstelling voor
artsen die nog in afwachting zijn van de erkenning van hun diploma's.
Het is ook zaak om zo vroeg mogelijk te beginnen met de procedure voor
de erkenning van de diploma's: ook hierover kan SIBIO u goed
voorlichten.
SIBIO
Oostenrijklaan 58
2034 BH, Haarlem
tel. 023 - 5547780/81
fax 023 - 5547789
terug
naar boven
In verband met een door ons af te
geven verklaring bij de regeling inzake de Wet Inburgering Nieuwkomers
heb ik aan u het volgende verzoek:
Graag zou ik een exemplaar ontvangen van het controleprotocol dat door
de accountant moet worden gehanteerd bij de controle van de
verantwoording. Kunt u
mij tevens een exemplaar (kopie) doen toekomen van het door de
gemeente in te vullen verantwoordingsmodel.
Ernst & Young
Accountants
t.a.v. drs. M.C. Broersen
Antwoord van de redactie:
Wij kunnen u hier niet aan helpen, maar u
kunt de Regeling Vaststelling Controleprotocol en verantwoording
Inburgering Nieuwkomers 1999 vinden in het Gele Katern nr. 4/5; het is
ook te vinden op de website www.cfi.nl
terug
naar boven
1. Een goede vriend van mij,
asielzoeker (nog) zonder status, heeft gedurende 8 maanden therapie in
Stichting de Vonk gehad. Binnenkort wordt hij 'ontslagen'. Het liefst
wil hij zo snel mogelijk de inburgeringscursus gaan volgen, maar dit
zal niet gaan vanwege de zomervakantie. Om te voorkomen dat hij in een
zwart gat valt, wil hij gedurende zomer graag aan het werk (en dan heb
ik het niet over kranten/reclame lopen).
Vragen:
- Kan hij aan het werk? Zo ja, gaat
het dan enkel om 'oogstwerk'? -
- Hoe valt dit te regelen c.q. wie
moet er worden geïnformeerd, wie moet er toestemming geven?
- Als hij gaat werken, wordt zijn
loon dan met zijn toelage verrekend?
2. Een andere vriend, asielzoeker met
status, is al aan zijn inburgeringsprogramma begonnen. Hij wil graag
wat gaan bijverdienen. Met status kan hij volgens mij zonder meer over
een sofinummer beschikken.
Vragen:
- Kan hij naast zijn
inburgeringscursus parttime aan het werk?
- Moet daarvoor toestemming worden
gevraagd en zo ja, aan wie?
- Hoe zit het met zijn verdiensten.
Mag hij alles houden of wordt hij op zijn toelage gekort?
Liesbeth Rox, mei
2000
Antwoord van de redactie:
* Zolang uw vriend
asielzoeker zonder status is, geldt voor werken het volgende, zover nu
aan de redactie bekend:
Op 17 december 1999 heeft de
ministerraad ingestemd met het voorstel van de staatssecretaris van
Justitie, de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de
minister voor Grote Steden en Integratiebeleid om de mogelijkheden
voor betaalde arbeid voor asielzoekers te verruimen. Dit zou medio
2000 ingaan. De verruiming van de Wav, zoals aangekondigd eind 1999,
betreft drie punten:
- Verruiming arbeidsduur.
Asielzoekers mogen in de toekomst maximaal 12 weken aan het werk in
een periode van 39 weken. Nu is dat nog 12 weken van de 52.
- Verruiming aard van de
werkzaamheden. Nu mogen asielzoekers alleen specifiek kortdurende
arbeid verrichten, zoals oogstwerkzaamheden. Na aanpassing van de
wet mogen asielzoekers kortdurend werk verrichten in alle
bedrijfssectoren.
- Uitbreiding doelgroep. VVTV-ers:
mogen de eerste twee jaar 12 weken van de 39 weken werken en daarna
onbeperkt. AMA-VTV-ers: mogen net als VVTV-ers in de eerste twee
jaar maximaal 12 weken in een periode van 39 weken werken. In het
derde jaar van de vergunning krijgen zij een AMA-VTV-document met de
aantekening dat werken is toegestaan. Bewoners ROA-huis: nu mogen
alleen bewoners van asielzoekerscentra beperkt werken, vanaf medio
2000 kunnen ook bewoners van een ROA-huis aan de slag.
* Wanneer uw vriend eenmaal een
status heeft kan hij gewoon aan het werk. De WIN verplicht hem wel
zich binnen zes weken te melden voor het inburgeringonderzoek, en
daarna zo snel mogelijk met het inburgeringsprogramma aan de slag te
gaan. Maar als dit vanwege vakantie niet mogelijk is, kan hij voor
zolang zijn inburgeringsprogramma nog niet start gewoon aan het werk.
Als hij het werken ook tijdens het inburgeringsprogramma wil
voortzetten, dan moet hij hierover overleggen met de
trajectbegeleider. In overleg met de trajectbegeleider dient bekeken
te worden hoe werk en inburgering het best gecombineerd kan worden:
bijvoorbeeld door het volgen van lessen in de avonduren.
Wat betreft de verrekening van de verdiensten het volgende: als hij
een uitkering ontvangt dan zullen de verdiensten (deels) worden
afgetrokken van de uitkering. Dit beleid verschilt echter per
gemeente. Wij adviseren u daarom te informeren bij de Sociale Dienst
in uw gemeente. Zolang hij nog geen status heeft en het gaat om het
eventueel korten op een toelage geldt het volgende: Ook dit is
afhankelijk van het beleid van de Sociale Dienst. Sommige Sociale
Diensten vinden dat alles gekort moet worden. Andere vinden dat niet
nodig als het om een bepaald bedrag gaat. Soms mogen de verdiensten
worden gehouden als ze worden aangewend voor een nuttig doel, zoals
bijvoorbeeld een computercursus. Verder is het nodig om te weten wat
precies de status is. Als het om een VVTV-er gaat, geldt de Zorgwet en
daarbij kan de gemeente een eigen kortingsbeleid voeren. Als het om
iemand in een centrum gaat onder verantwoordelijkheid van het COA, dan
gelden er weer andere regels.
* Uw vriend die al aan het
inburgeringsprogramma begonnen is mag daarnaast (parttime) werken,
voor zover dit niet interfereert met het inburgeringsprogramma. Hij
dient te overleggen met zijn trajectbegeleider hoe zijn traject het
best kan worden aangepast, zodat hij werk en lessen kan combineren.
terug
naar boven
1) aan welke criteria moet een
eindverslag (advies vervolgtraject) na afronding van verplichte
inburgering voldoen? Bestaan er inmiddels standaardformulieren
hiervoor?
2) een nieuwkomer die onder de WIN
valt, weigert zijn handtekening te zetten onder het trajectplan
inburgering dat onderdeel uitmaakt van de beschikking verplichte
inburgering. Hij woont al 7 jaar in Nederland het kader van de ROA en
wil nu hij eenmaal status heeft begrijpelijkerwijs eindelijk gaan
werken; werk in combinatie met avondlessen NT2 vindt hij te zwaar en
hij geeft de prioriteit aan werk. Op zich kan ik me -als
trajectbegeleidster- zijn situatie heel goed voorstellen ook al weet
ik dat de WIN uitgaat van lange termijn denken; deze man heeft echter
niet de ambitie om in de toekomst een betere baan te vinden, in het
land van herkomst is hij ook niet anders gewend. Wat zijn de
mogelijkheden?
3) Stel dat een nieuwkomer na 600 uur
NT2/MO/BO nog Nt2 lessen nodig heeft; wie bekostigt dan het
vervolgtraject indien het om een niet-uitkeringsgerechtigde nieuwkomer
gaat?
Marianne van
Santvoort, Vluchtelingenwerk Mierlo, mei 2000
Antwoord van de redactie:
- Er bestaat hiervoor geen
standaardformulier. De regeling certificaat nieuwkomers (zie
Handboek WIN) geeft een opsomming van punten die vermeld moeten
worden. Waarschijnlijk is dat het eindverslag dat u bedoelt.
- Inburgering is hoe dan ook
verplicht, maar combineren met werk mag. De gemeente dient zich ook
in te spannen om dit mogelijk te maken, onder meer door het
aanbieden van lessen in de avonduren. Voor goede voorbeelden van
trajecten waarin het werken en inburgeren gecombineerd kan worden,
zie op de website de projecten van Bureau Nieuwkomers Zwolle. U kunt
ook zoeken naar een bedrijf, waarvan de werkgever aan uw cliënt een
intern program NT2 wil/kan bieden.
- Als de uren in de beschikking op
zijn, dan vindt er geen verdere vergoeding plaats. Verdere lessen
moeten dan zelf betaald worden.
terug
naar boven
Is het mogelijk om een Nieuwkomer
(die voldoet aan de eisen gesteld in het kader van de WIW) tijdens het
inburgeringsprogramma te plaatsen op een W.I.W. plaats. In de praktijk
moet gedacht worden aan een combinatie van het volgen van de
Nederlandse taal en het Werken op basis van de W.I.W. Andre van den
Ende, RBA Rijnmond, mei 2000-05-30
Antwoord van de redactie:
Ja, het inburgeringsprogramma mag gecombineerd worden met werken. De
gemeente dient zich ook in te spannen om dit mogelijk te maken, onder
meer door het aanbieden van lessen in de avonduren.
1. Onze afdeling, die de WIN
uitvoert, heeft met burgerzaken en de vreemdelingendienst afspraken
gemaakt omtrent het verstrekken van gegevens van mensen die in
aanmerking komen voor de WIN. Deze mensen worden door burgerzaken en
vreemdelingendienst erop gewezen dat ze zich moeten melden voor het
inburgeringsonderzoek en krijgen een aanmeldings- en
ontheffingsformulier uitgereikt. Lang niet iedereen meldt zich aan en
wordt na enige tijd door onze afdeling opgeroepen voor het
inburgeringsonderzoek. Tijdens het gesprek blijkt dat ze zich om de
een of andere reden (meestal legitiem) niet tijdig hebben kunnen
melden.
Andere nieuwkomers behoren tot de
groep die niet door burgerzaken naar onze afdeling zijn doorverwezen
omdat ze niet als nieuwkomer zijn herkend door deze afdeling.
Onze afdeling wil weten of:
- deze nieuwkomers alsnog mee kunnen
doen met het inburgeringsonderzoek en met een inburgeringsprogramma
starten. Indien ja, tot hoeveel maanden/weken terug mogen we dit
toepassen. Is er een termijngrens?
- voor de jaarlijkse afrekening van
deze gevallen, op welke manier dit in het dossier verwerkt dient te
worden.
2. Surinaamse nieuwkomer met een
D-document met een beperking verblijf bij partner, heeft op 28
september 1999 tijdelijke ontheffing meldingsplicht aangevraagd. De
gemeente heeft ontheffing verleend tot 28 maart 2000. Betr. heeft zich
op 3 mei jl. gemeld voor het inburgeringsonderzoek en vertelde dat ze
op dat moment geen verblijfsvergunning bezat.Haar eerste
verblijfsvergunning is ingeleverd. De nieuwe pas kan ze pas op 24 mei
bij de vreemdelingendienst ophalen. De meldingsperiode (6 weken na 28
maart 2000) is dan al verstreken.
Wat moet de gemeente in dit geval
doen? Na 24 mei 2000 het inburgeringonderzoek starten of ........?
3. Surinaamse nieuwkomer van 17
jaar, dus partieel leerplichtig, is opgeroepen voor het
inburgeringonderzoek. Heeft in Suriname 4 jaar MULO gedaan. I.v.m.
komst naar Nederland (gezinshereniging) zijn opleiding niet afgemaakt.
Spreekt vloeiend Nederlands. Heeft medio april 2000 zijn
verblijfsvergunning ontvangen. Heeft zich bij de landmacht aangemeld
en is in afwachting hiervan alvast gaan werken via het uitzendbureau.
Deze nieuwkomer heeft geen diploma's. Heb hem voor profieltoetsen NT2
en MO bij het ROC voorgedragen om te achterhalen of hij vrijstelling
kan krijgen voor het educatieve traject.
Kan hij naast deze vrijstelling ook
vrijgesteld worden van Maatschappelijke begeleiding?
Welke beschikking moet de gemeente na
deze toets afgeven?
Antwoord van de redactie:
- Ook als de nieuwkomer zich niet op
tijd heeft gemeld voor het inburgeringonderzoek, blijft de
inburgeringplicht bestaan. Als de reden niet legitiem is kunnen
sancties opgelegd worden. Als het overschrijden van de
meldingstermijn van de nieuwkomer buiten diens schuld plaatsvindt,
dan is het vooral zaak om duidelijk in de verklaring op te nemen wat
de reden tot overschrijding is geweest en wie hiervoor schuld
draagt.
- Aangeven waarom de termijn is
overschreden en zo snel mogelijk het inburgeringonderzoek en
inburgeringsprogramma starten.
- Vrijstelling is mogelijk voor alle
drie de onderdelen van het educatief programma. Of vrijstelling
mogelijk is, is ter beoordeling aan de gemeente. In de beschikking
C1 waarin het inburgeringsprogramma wordt vastgelegd dient te worden
aangegeven voor welke onderdelen vrijstelling wordt verleend.
terug
naar boven
In de Memorie van Toelichting staat
vermeld dat werknemers met de Turkse nationaliteit die reeds langer
dan één jaar in Nederland zijn toegelaten niet kunnen worden verplicht
aan een inburgeringsprogramma deel te nemen. Wat wordt met deze
passage bedoeld?
Antwoord van de redactie:
Met een werknemer wordt hier
niet bedoeld een nieuwkomer die voor arbeid naar Nederland is gekomen
en daar een tewerkstellingsvergunning voor ontvangt. Met de passage
wordt verwezen naar Turkse nieuwkomers die (veelal) in het kader van
gezinsvorming of hereniging naar Nederland komen. Deze nieuwkomers
behoren zich aan te melden voor inburgering. Indien zij een ontheffing
krijgen voor bepaalde tijd (bijv. een half jaar) begint de nieuwkomer
na dit halve jaar met het inburgeringsprogramma. Indien deze Turkse
nieuwkomer ook werk heeft gevonden, kan de inburgeringsplicht nog maar
een half jaar gelden, omdat Turkse werknemers niet meer tot
inburgering kunnen worden verplicht één jaar na toelating in
Nederland. Een Turkse nieuwkomer die bijvoorbeeld reeds een jaar
geleden aan zijn inburgeringsprogramma is begonnen, voldoet wel aan de
definitie van nieuwkomer en valt onder de WIN. Overigens, het
ingeschreven staan als werkzoekende ontheft iemand niet van de
inburgeringsplicht.
Is het toegestaan de opgebouwde
reserves in te zetten voor arbeidsmarkttrajecten ten behoeve van de
integratie van minderheden?
Antwoord van de redactie:
Ja, de gemeente kan de
betreffende bedragen bestemmen voor activiteiten als bedoeld in
artikel 2, onderdeel k, van de Welzijnswet 1994 (artikel 3, 3e
lid, onder b van het Bekostigingsbesluit). Arbeidsmarkttrajecten
vallen onder de activiteiten zoals genoemd in het betreffende artikel
van de Welzijnswet. De gemeente mag tot een bepaald maximum de
gereserveerde middelen inzetten voor reguliere educatie en/of voor
de integratie van minderheden (zie paragraaf 4.1.3 van het
Controleprotocol, Gele Katern 4/5, 16 februari 2000).
terug
naar boven
Mijn vrouw, van Roemeense afkomst, is
op 17 januari 2000 gestart met het leerprogramma Nederlands. Vanaf 24
Februari 2000 heeft zij zwangerschapsverlof gekregen voor een periode
van 16 weken. Ze is ingedeeld in de Nederlandse lessen op Niveau 1, ze
heeft daar al een week les gehad maar dit niveau is eigenlijk te laag
voor haar. In juni dit jaar zal ze weer beginnen, maar omdat we een
pracht van een dochter hebben gekregen zal ze in de avond
programmering meedoen, zodat ik dan voor onze dochter kan zorgen. In
Middelburg, waar wij wonen, hebben ze maar twee groepen voor de
avondlessen namelijk beginners en gevorderden, beide duren 1 jaar. Als
zij met beginners moet beginnen betekent dit dat zij voor 2 jaar naar
school moet. Het probleem is nu dat ze te vergevorderd is voor de
beginners klas voor de gevorderden weer ze te ver achterloopt. Nu
vroegen we ons af is het toegestaan om de cursus NT2 te volgen via een
zelfstudie bij bijvoorbeeld LOI of NTI? Zij wil graag de Nederlandse
taal leren. Ik weet dat er in de Wet staat dat er toezicht moet zijn
op de studie maar is het ook niet mogelijk om zo'n cursus te volgen
via LOI / NTI en dan een staats examen af te leggen zodat op die
manier een controle mogelijk is?
Erik van de Sande.
Antwoord van de redactie:
In principe moeten gemeenten
het onderwijs voor de inburgeringsprogramma s inkopen bij de Regionale
Opleidings Centra. Als daar goede redenen voor zijn kan wel
doorgecontracteerd worden naar een ander ROC of een andere
onderwijsinstelling. Het ROC waarmee de gemeente afspraken heeft moet
die afspraken met het andere ROC of de andere onderwijsinstelling
maken. Gezien het feit dat uw vrouw reeds een beschikking heeft
gekregen, zal dit niet gemakkelijk zijn. Het best kunt u samen met de
trajectbegeleider contact opnemen met het betreffende ROC en het
probleem en uw wensen aan hen voorleggen.
terug
naar boven
Regeling voor de afrekening
betreffende Amerikanen en Polen
1.
Is er een regeling voor de
afrekening betreffende Amerikanen en Polen die niet tot de doelgroep
behoren maar toch aan de WIN meedoen?
Op grond van afgesloten verdragen
mogen Amerikanen en Polen niet in de WIN opgenomen worden. In 1998 was
dit nog niet bekend en begin '99 heb ik dus 2 Poolse mensen opgenomen
die eerst een halfjaar vrijstelling hebben gekregen, in okt. '99
hebben deze mensen zich opnieuw gemeld en wilden graag NT2 gaan leren
dus hebben wij ze nu in de WIN opgenomen. Is dit terecht of kunnen wij
daar problemen mee krijgen met de afrekening naar het ministerie?
2. Volgens de verdragen hoeven
Amerikanen en Polen niet deel te nemen.
Indien de vreemdelingendienst deze
mensen wel naar de gemeente heeft doorverwezen en zij zelf aangeven
hieraan deel te willen nemen, mag dit dan wel?
Antwoord van de redactie:
- Amerikanen en Polen behoorden ook
in 1998 al niet tot de doelgroep van de WIN. Dit is te vinden in de
Memorie van Toelichting bij de WIN, daarin staat dat de omvang van
de doelgroep wordt bepaald door internationale regelingen. Als
voorbeeld zijn genoemd: Amerikanen die vallen onder het
Vriendschapsverdrag Nederland VS en Polen die vallen onder het
Associatieverdrag EU-Polen. Het stond ook in het Kamerstuk uit
96/ 97 25114 (nr. 3).
Omdat de Polen en Amerikanen niet tot de doelgroep WIN behoren zijn
er problemen bij de afrekening met het ministerie.
- Omdat de Polen en Amerikanen niet
tot de doelgroep WIN behoren, mogen ze geen inburgerings- of NT2
programma volgen met WIN- gelden. De gemeente kan wel besluiten een
cursus NT2 aan te bieden: die moet dan betaald worden uit de
reguliere educatiemiddelen.
Bepalen van de hoogte van een boete voor een
niet-uitkeringsgerechtigde
Hoe wordt de hoogte van de
boete bepaald voor een niet-uitkeringsgerechtigde? Dient er echt een
uitgebreid onderzoek naar leefomstandigheden (woonsituatie en
dergelijke) te worden uitgevoerd? Of kan worden volstaan met een
standaardbedrag (20% van de basisnorm bijstand voor een alleenstaande,
gezin etc.)?
In onze situatie werken de personen absoluut niet mee aan het
inburgeringsonderzoek (en dus naar verwachting ook niet aan een
onderzoek naar de woonsituatie ter bepaling van de hoogte van de
boete). Vertraging van een boete oplegging schiet daarentegen haar
doel voorbij, omdat een boete oplegging toch vooral ook is bedoeld om
de nieuwkomer te bewegen terug te keren in het inburgeringsproces of
om aan de intake mee te werken.
L. Peters, gemeente
Heerlen
Antwoord van de redactie:
In het Boetebesluit WIN art. 3, 2de
lid staat dat als een nieuwkomer geen uitkering ontvangt, dan bij het
vaststellen van de hoogte van de boete moet worden uitgegaan van de
situatie als hij die wel zou ontvangen. U kunt dan dus uitgaan van 20%
van die (hypothetische) uitkering.
terug
naar boven
Wanneer een AMA een reguliere status
krijgt valt hij/zij dan onder de WIN?
Als een AMA een reguliere status
krijgt (dus geen VTV-AMA) valt deze dan onder de doelgroep voor de
WIN.?
Roely Stap,
Vluchtelingenwerk Apeldoorn
Antwoord redactie:
Als de status van een AMA-VTV-er wordt
omgezet in een VTV zonder beperking, behoort deze nieuwkomer niet tot
de doelgroep van de WIN. In dit geval is er sprake van tweede
toelating tot Nederland.
Oudkomer en
inburgering
Mijn partner is in mei
1998 naar Holland gekomen vanuit Brazilië. Daarbij is het hele traject
van MVV in Brazilië reeds doorlopen. Bij aankomst is zij vervolgens
ingeschreven bij het bevolkingsregister en heeft zich bij de
vreemdelingendienst geregistreerd. Na ontvangst van het
vreemdelingendocument hebben we vervolgens niets meer vernomen van
gemeente of vreemdelingendienst.
Op eigen initiatief is zij begonnen
met een cursus Nederlands die reeds snel weer afgebroken moest worden
doordat onze zoon werd geboren. Nu is zij in februari 2000 wederom
begonnen met een cursus Nederlands. Door berichten van haar
klasgenoten (die ook vòòr het in werking treden van de WIN per
30-9-'98 naar Nederland zijn gekomen) werd ik geattendeerd op de
mogelijkheid om de opleidingskosten via de gemeente te laten lopen.
Echter, informatie bij mijn gemeente,
Eemnes, leerde dat er formeel geen mogelijkheden zijn om een
inburgeringstraject te gaan volgen omdat zij reeds in mei '98 is
gekomen, dus vòòr het in werking treden van de WIN. Hierdoor valt zij
tussen wal en schip. De gemeente heeft haar echter om onduidelijke
redenen nooit opgeroepen als nieuwkomer onder de regelgeving zoals die
gold vòòr de WIN. Mijn onbekendheid met deze materie is er verder
debet aan dat er nooit actie is ondernomen. Toevallig volgt zij de
cursus Nederlands bij het instituut waarmee de gemeente Eemnes een
contract heeft afgesloten.
Mijn vraag is of ik de gemeente nog
kan aanspreken op het feit dat ze mijn partner nooit hebben
opgeroepen. Zo neen, kan er dan alsnog een verzoek tot inburgering
buiten de WIN om, gericht worden aan B&W ? Zijn er verder nog
mogelijkheden in dit geval?
G.H. van Leeuwen
Antwoord van de redactie:
Uw vrouw is naar Nederland
gekomen voor het in werking treden van de WIN dit betekent dat ze toen
der tijd onder de Onderwijsregeling viel. Zij is daar weliswaar niet
voor opgeroepen, maar dat betekent niet dat ze alsnog onder de WIN
valt. Een gemeente kan besluiten om de inburgering van een oud-komer
alsnog te betalen uit de reguliere educatiemiddelen. U kunt bij uw
gemeente naar die mogelijkheid informeren.
terug
naar boven
Bijstelling Rijksbijdrage 1999
betreffende educatieve component
In uw overzicht budget 1999 per
gemeente wordt nog een tarief gehanteerd van 8054.11.
Terwijl het min van OCenW al op 24 juni 1999 een tarief heeft
vastgesteld van 8656.93
John Logtenberg
Antwoord van de redactie:
Het tarief in ons overzicht
klopt inderdaad niet meer, waarvoor excuus. Op 1 oktober 1999 is dit
tarief bovendien nog eens opnieuw gewijzigd. Er is op 1 oktober 1999
naar alle gemeenten een beschikking uitgegaan voor bijstelling
Rijksbijdrage 1999 betreffende de educatieve component. Het tarief in
deze beschikking is 8.715,73.
Moet de gemeente
reiskosten, kinderopvang en boekengeld betalen voor een nieuwkomer?
Een vraag die regelmatig binnenkomt bij de
redactie is of de de gemeente reiskosten, kinderopvang en boekengeld
moet betalen voor een nieuwkomer?
Antwoord van de redactie:
Dit is niet in de WIN vastgelegd. Gemeenten
moeten dit zelf regelen in eerste instantie buiten het kader van de
WIN. Kinderopvang, reiskosten en boekengeld kunnen bijvoorbeeld worden
gefinancierd uit de daarvoor bestaande regelingen of uit de bijzondere
bijstand. Kinderopvang kan ook uit de welzijnscomponent worden
bekostigd, maar het is geen primair doel. De welzijnsgelden zijn in
eerste instantie bedoeld voor traject- en maatschappelijke
begeleiding.(Bron: CFI helpdesk rapportage 24, 1999)
Of de gemeente al dan niet een
bijdrage wil leveren aan de kosten voor kinderopvang, reiskosten en
boekengeld verschilt heel sterk per gemeente. En wat betreft de
kinderopvang ook nog het volgende:
Als een nieuwkomer op gewichtige gronden niet aan de verplichtingen
van de WIN kan voldoen, kan hij een ontheffing van de meldingsplicht
vragen (art. 3, 1e lid, onder c). Onder gewichtige
gronden wordt in elk geval begrepen het hebben als ouder van een
volledig verzorgende taak voor een of meer ten laste komende kinderen,
dan wel pleegkinderen, jonger dan 5 jaar, zolang er geen erkende
kinderopvang voor deze kinderen beschikbaar is . Dit is terug te
vinden in de modelbeleidsregels (Handboek WIN, tab:
Modelbeschikkingen, Model 2-3)
terug
naar boven
Vragen van Inburgering Deurne:
- Mogen de in de beschikking
vastgelegde uren nog opgemaakt worden na het verstrijken van het
traject en doorgeleiding?
- Financiële afwikkeling bij
verhuizing
- Vergoeding vervoerskosten
- Terugkeer thuisland
- Niet reageren op aanmaningen
- Intake scholing
- Eindtoets
- Alfacursist en eindtoets
Lees verder
Wanneer opnieuw ontheffing aanvragen?
Bij een Australische mevrouw wordt
ontheffing verzocht in verband met zorg voor een eigen kind. De
ontheffingsdatum loopt tot 01-06-2000. Hoelang voor die datum moet
betrokkene zich opnieuw melden voor eventuele verlening van de
ontheffing ?
Michel van der
Vaart, gemeente Hellendoorn
Antwoord van de redactie:
Na afloop van de
ontheffingsperiode dient de betrokkene zich te melden en wordt de
situatie opnieuw bekeken.
Toezicht op
naleving WIN
Het toezicht op naleving van de Win
wordt in artikel 17 opgedragen aan Burgemeester en Wethouders, die
daartoe een of meer ambtenaren aanwijzen. Op dit toezicht is de
Leerplichtwet van overeenkomstige toepassing.
- In artikel 16, 2de lid
van de Leerplichtwet, wordt gesproken over het aanvaarden van het
ambt van toezichthouder en het afleggen van de eed of belofte in
handen van de burgemeester. In het kader van de Leerplichtwet is
hiertoe bij ministeriële regeling een formulier vastgesteld. Welke
procedure is vereist bij de benoeming van toezichthouders in het
kader van de WIN? Moeten toezichthouders een aparte eed of belofte
afleggen op basis van een daartoe vastgesteld formulier?
- Artikel 16 4de lid van
de leerplichtwet bepaalt dat B&W een instructie voor
toezichthoudende ambtenaren dienen vast te stellen. Een
vergelijkbare instructie dient vastgesteld te worden voor
toezichthouders in het kader van de WIN. Is een dergelijke
instructie te beschouwen als een beleidsregel en moet de instructie
dus ook als zodanig behandeld worden? Zijn er goede voorbeelden van
dergelijke instructies beschikbaar?
Ron Geraets
Antwoord van de redactie:
De eed of gelofte is de
eed/gelofte die elke ambtenaar moet afleggen. Er bestaat geen speciaal
formulier voor. Voor meer informatie over de instructies dient u
contact op te nemen met de afdeling Onderwijs in uw gemeente.
terug
naar boven
Enkele vragen van Elmer Teerds
1.
op welke gronden beslist het COA waar een AZC wordt
geplaatst ?
Antwoord van de redactie:
Voor de opvang van asielzoekers geldt geen landelijke taakstelling.
Dat betekent dat het Centraal Orgaan opvang asielzoekers afhankelijk
is van de medewerking van een gemeentebestuur om tot de vestiging van
een asielzoekerscentrum te komen. Het COA kan een gemeentebestuur
vragen medewerking te verlenen; het kan ook gebeuren dat een
gemeentebestuur het COA aanbiedt asielzoekers op te vangen. Samen met
het gemeentebestuur wordt gekeken naar mogelijke locaties, waarbij
financiele en bouwkundige afwegingen een rol spelen.
2.
wie is in een gemeente de
gesprekspartner van het COA ?
Antwoord van de redactie:
Het COA praat met het gemeentebestuur. Als er met een gemeentebestuur
een overeenkomst wordt gesloten om asielzoekers op te vangen, wordt
dit vastgelegd in een bestuursovereenkomst. Met onwonenden van een
opvangcentrum wordt eveneens gesproken; vaak zijn er overlegcommissies
waar omwonenden en medewerkers van het centrum uiteenlopende zaken met
elkaar bespreken.
3.
is er een sleutel voor het
bepalen van een grootte van een AZC wat betreft het aantal bedden?
Antwoord van de redactie:
Dat is afhankelijk van de grootte van de locatie. Het COA hanteert een
lijst waarin nauwkeurig is vastgelegd waar een locatie aan moet
voldoen. In de praktijk betekent dit dat er asielzoekerscentra zijn
waar meer dan 1000 mensen wonen, maar dat er ook centra zijn waar rond
de 400 personen wonen.
Verlof en vergoeding
1) Is het mogelijk om tijdens het inburgeringstraject aan aantal weken
verlof op te nemen?
2) Wordt er ook een vergoeding gegeven aan de vreemdelingen die
het traject volgen?
Wilhelm Tell
Antwoord van de redactie:
- In principe moet dat mogelijk
zijn. Belangrijk is wel dat de reden van de afwezigheid, ofwel het
verlof duidelijk vermeld wordt in het dossier, zodat het later niet
lijkt alsof de nieuwkomer een tijd heeft verzaakt. Er bestaan geen
aparte formulieren voor.
- Nieuwkomers die verplicht zijn het
inburgeringsprogramma te volgen krijgen dit programma aangeboden
door de gemeente. Daarbij behoort ook een vergoeding van de boeken.
Een vergoeding van kosten voor reizen of kinderopvang is echter niet
verplicht. Elke gemeente kan voor zich bepalen of en in welke mate
ze reis- en kinderopvangkosten vergoeden.
Handels- en vriendschapsverdragen
Wie valt onder handels- en
vriendschapsverdragen?
Terecht wijst u mij erop dat bij de rubriek vragen en antwoorden in
inburgernet de doelgroep omschreven wordt (onderdanen van de VS
en Polen). Wat ik niet zo duidelijk vindt is hoe ik nu kan
bepalen of iemand nu wel/niet onder de vriendschap/handelsverdrag
valt. Geldt het bovenstaande voor alle staatsburgers van de VS en
Polen??
M.Enkur
Antwoord van de redactie:
De CFI
Helpdesk Inburgering gaat er vooralsnog vanuit dat alle Amerikaanse en
Poolse staatsburgers vallen onder die vriendschaps- en
handelsverdragen.
terug
naar boven
Voor alle duidelijkheid: aan de
beantwoording van vragen kunnen geen rechten worden ontleend !
Stuur uw vragen naar:
vragen
U kunt uw vragen ook toesturen aan:
InburgerNet
Planetenweg 80m
2132 HP Hoofddorp.
Of faxen: 023 - 5625613.
Enkele
opmerkingen en verzoeken bij het stellen van vragen aan InburgerNet
|