Traumatische ervaringen belangrijke oorzaak voor uitval
Het aantal vluchtelingen in het hoger onderwijs stijgt. De uitval onder deze groep is
echter relatief groot. Traumatische ervaringen zijn vaak een oorzaak van het voortijdig
afhaken. Ook de taal en cultuur spelen vluchtelingen parten bij hun studie, evenals de
beperkte mogelijkheden om studiefinanciering te krijgen.
Dit blijkt uit een onderzoek van het Instituut voor onderwijskundige dienstverlening
(IOWO) naar de in-, door- en uitstroom van vluchteling-studenten in het hoger onderwijs.
Voor het onderzoek is gebruik gemaakt van gegevens van de Stichting voor
Vluchteling-studenten UAF. Deze organisatie ondersteunt sinds 1948 vluchtelingen en
asielzoekers bij een studie in het hoger onderwijs. In totaal hebben 735 vluchtelingen aan
het onderzoek meegewerkt. De gegevens hebben betrekking op de periode van 1990 tot 1997.

Vluchteling-studenten
Sinds 1990 hebben 2700 vluchtelingen gebruik gemaakt van de diensten van UAF om een studie
te starten in MBO, HBO of WO. Van dit aantal zijn 463 studenten afgestudeerd, 1010
studenten hebben hun opleiding niet afgemaakt. De uitval onder vluchtelingen is bijna
anderhalf keer groter dan onder Nederlandse studenten. Vluchteling-studenten die hun
studie wel afmaken, doen dit overigens sneller dan 'gewone' studenten.
De oorzaak voor uitval onder de beide groepen verschilt. "Nederlandse studenten haken
vaak af vanwege een verkeerde studiekeuze. Vluchtelingen stoppen meestal met hun opleiding
vanwege persoonlijke omstandigheden. Velen hebben traumatische ervaringen achter de rug.
Pijnlijke herinneringen, zorgen over familie en heimwee zijn voldoende reden om de studie
te staken. Ook financiële redenen spelen een belangrijke rol", vertelt dr. Prins van
het IOWO.
Een andere reden voor uitval onder de vluchteling-studenten is de zwaarte van de studie.
Ook het verschil met medestudenten, in leeftijd en cultuur hebben een negatieve
uitwerking. Verder blijkt dat ongeveer zeventig procent van de vluchteling-studenten
worstelt met de Nederlandse taal, het studietempo en gebrek aan voorkennis. Volgens Prins
benadrukt dit het belang van een goed voortraject. Vooral schakeltrajecten moeten volgens
de onderzoeker steeds meer een rol gaan spelen.
terug naar boven 
Aantal stijgt
De jaarlijkse omvang van het aantal studenten die studiefinanciering of -
begeleiding van het UAF krijgen neemt gestaag toe van 178 in 1990 tot ruim 400 in 1997.
Ruim een derde van de vluchtelingen is afkomstig uit Iran. Verder is een toename zichtbaar
van studenten uit voormalig Joegoslavië en met name Bosnië. Vluchtelingen starten
gemiddeld drie jaar na aankomst in Nederland met een studie. De periode voorafgaand aan de
studie wordt gebruikt voor het leren van de Nederlandse taal en het wegwerken van
eventuele achterstanden, bijvoorbeeld door een schakeljaar voor hoger onderwijs.
De gemiddelde leeftijd bij aankomst in Nederland is 25 jaar en bij de start van de studie
28 jaar. Vluchteling-studenten beginnen gemiddeld zeven jaar later aan een opleiding dan
Nederlandse studenten. Twintig procent van de vluchteling-studenten beschikt over een
diploma van het beroeps- of universitair onderwijs of heeft enkele jaren hoger onderwijs
achter de rug. Negentien procent van de vluchteling-studenten heeft geen enkel diploma
behaald.
Studiekeus en -loopbaan
Ruim de helft van de vluchteling-studenten kiest voor een studie in het HBO. Ruim
een kwart volgt een universitaire opleiding. De overige vluchtelingen gaan naar het MBO.
Technische en medische studies zijn populair. De voorkeur voor een medische opleiding
hangt volgens Prins samen met de opleiding die iemand in het land van herkomst heeft
genoten. Verder is er geen verschil tussen keuzemotieven van Nederlandse en
vluchteling-studenten. "Men kiest een studie uit interesse en vanwege de
beroepsperspectieven. Anderen motieven zoals financiële redenen of leidinggevende
aspiraties spelen nauwelijks een rol", constateert Prins. Ook het motief om met de
opgedane kennis eventueel later een bijdrage te kunnen leveren aan de opbouw van hun eigen
land speelt zelden een rol van betekenis.
Opmerkelijk is dat veel vluchteling-studenten kiezen voor een studie in deeltijd. Prins:
"Waarschijnlijk heeft dit te maken met het feit dat deze mensen vanwege hun leeftijd
geen reguliere studiefinanciering ontvangen. Zij kunnen soms voor een deeltijdstudie wèl
een tegemoetkoming studiekosten krijgen. Een andere reden is dat zij voor een inkomen
moeten zorgen om hun familie te onderhouden."
terug naar boven 
Ervaringen
Vluchteling-studenten zijn over het algemeen tevreden over het Nederlandse
onderwijs. De meeste buitenlandse studenten vinden de opleiding interessant en zijn
tevreden over de docenten en het contact met medestudenten." De meeste studenten
voelen zich beter dan op het moment dat zij met de opleiding begonnen", verklaart
Prins.
Minder positief zijn de buitenlandse studenten over de begeleiding op de
onderwijsinstellingen. "Veel van hen willen meer gesprekken met docenten of een
studieadviseur over de studievoortgang. Verder hebben zij behoefte aan ondersteuning bij
het verbeteren van hun studie- en taalvaardigheden en bij het vinden van een
stageplaats." Onderwijsinstellingen zouden volgens Prins hun beleid moeten aanpassen
aan deze specifieke groep.
UAF
De studenten zijn uitermate positief over de ondersteuning van het UAF. De
begeleiding van de organisatie voorafgaand aan en tijdens de studie wordt over het
algemeen zeer gewaardeerd. Ook de financiële regelingen en de snelheid van werken van het
UAF worden als goed beoordeeld. Alleen bij het vinden van een baan zouden vluchtelingen
meer steun willen krijgen. Dit geldt overigens alleen voor mensen die geen gebruik hebben
gemaakt van de diensten van UAF Job Support. Dit bureau biedt vluchtelingen ondersteuning
bij het zoeken naar een baan.
Over de arbeidsmarktsituatie van vluchteling-studenten is weinig bekend. Gegevens zijn
nauwelijks voorhanden. Volgens Prins vergt dit in de toekomst nader onderzoek. "Er
zijn aanwijzingen dat de groep afgestudeerden specifieke problemen tegenkomt bij het
zoeken van werk. Bijna de helft van hen denkt dat hun afkomst hen belemmert om een
betaalde baan te vinden."
terug naar boven 
M. Kanie, Irak, politicoloog:
"Een studie geeft je identiteit"
"Dat vluchtelingen in snel tempo een studie afronden is te verklaren door het feit
dat zij vaak in hun eigen land een studie achter de rug hebben. Zij hebben dus, ondanks
een taalachterstand, een voorsprong op Nederlandse studenten die net beginnen. Bovendien
hebben zij een beperkt sociaal leven. Zij werpen zich helemaal op hun studie. De meeste
vluchtelingen die ik ken zijn zeer gemotiveerd. Die gedrevenheid komt onder andere voort
uit de wens om erkend te worden. Een studie geeft je identiteit in een maatschappij waar
je geen deel van uitmaakt."
M. Mesaros, voormalig Joegoslavië, orthopedagoog:
"Persoonlijke eigenschappen optimaal benutten"
"Als vluchteling word je min of meer gedwongen om je persoonlijke
eigenschappen optimaal te benutten. Je moet jezelf extra bewijzen om een plek in de
samenleving te krijgen. Dat is de reden waarom vluchtelingen zo fanatiek studeren. Daar
komt bij dat veel mensen een lening hebben afgesloten om hun opleiding te betalen. Die
schuld hangt als een zwaard boven je hoofd. Daar wil je graag snel van af."
H. Kabki, Iran, econoom:"Vaak gedacht dat het niet zou lukken"
"Op veel momenten tijdens mijn studie heb ik gedacht dat het me niet zou
lukken. Ik worstelde met de taal. Door de onzekerheid over mijn toekomst in Nederland kon
ik mij slecht concentreren. Mijn motivatie om een nieuw leven op te bouwen heeft me er
door gesleept."
B. Kabala, Zaïre, scheikundige
"Grote prestatiedrang"
"Veel vluchtelingen hebben een hoog opleidingsniveau. In hun eigen land behoorden zij
tot de 'top' van de bevolking. Na hun vlucht proberen ze hun evenwicht terug te vinden,
bijvoorbeeld door een studie te doen. Bovendien hebben mensen vaak het gevoel dat ze iets
terug moeten doen voor hun gastland. Een gevoel van trots maakt de prestatiedrang
groot."
terug naar boven 
Inhoud 
Verder in Nieuwsbrief


|