
Problemen bij studie- en beroepskeuze
Nieuwkomers in Nederland - en hun begeleiders - kunnen tegen
uiteenlopende problemen aanlopen als het gaat om studie- en
beroepskeuze. Onderaan de opsomming van deze problemen vindt u nóg een
aantal zaken waar aandacht aan dient te worden besteed. Houd in
inburgeringstrajecten rekening met verschillen in (problemen van) het
beroepskeuzeproces bij allochtonen.
Daarbij kan het gaan om:
a. omgevings- en socialisatieproblemen
De gezagsstructuur in veel allochtone gezinnen is gebaseerd op
levenservaring. Het gevolg hiervan is dat keuzealternatieven buiten
het gezichtsveld vallen. Men bakent, bewust of onbewust, een zone van
acceptabele beroepsalternatieven af. Die acceptabele alternatieven
worden begrensd door waarden en normen ten aanzien van
beroepsprestige, geslachtsroltypering, acceptabele
onderwijsinvesteringen
b. cultuurproblemen
Bij gebrek aan kennis van de westerse cultuur grijpt men terug op
het land van herkomst. Het merendeel van deze landen kent een
productiesysteem dat is ingebed in een standensamenleving. Het
onderwijs wordt daarom geïnterpreteerd vanuit een standenperspectief:
deelname is belangrijker dan de resultaten. Gevolg is o.a. dat men
vaak te hoge onderwijsaspiraties koestert. En de rol van vrouwen is
sterk vastgelegd in traditionele termen.
c. racisme problemen
Werkgevers zijn bevooroordeeld, d.w.z. ze hanteren bewust of
onbewust etniciteit als selectiecriterium, zo blijkt uit onderzoek.
d. kennis problemen
Men heeft geen kennis van het onderwijssysteem in Nederland en geen
inzicht in de complexiteit van de beroepenstructuur. Het
handelingsperspectief van de nieuwkomers m.b.t. de arbeidsmarkt wordt
vooral bepaald door het onderwijs. Men koerst op: zo veel en zo hoog
mogelijk, en op beroepen die qua prestige hoog scoren. De
beroepswensen zijn daardoor niet altijd realistisch.
e. begeleidingsproblemen
De begeleiding wordt vaak gefrustreerd door taal- en
communicatieproblemen. Daarnaast door het zogenaamde
remigratieperspectief, dat in de meeste gevallen niet meer dan een -
door de begeleider onopgemerkt - ritueel is. De begeleiding wordt ook
bemoeilijkt, omdat men van de begeleiders een soort 'familiehulp'
verwacht. Het belangrijkste verschil in communicatie tussen de
Nederlandse en veel andere culturen is expliciete communicatie. In
Nederland zegt men concreet waar het om gaat, terwijl in andere
culturen vaak een impliciete boodschap in een gesprek verborgen zit.
Verder wordt slecht nieuws heel voorzichtig gebracht, in plaats van
direct. Ook worden in bepaalde culturen vaak sociaal wenselijke
antwoorden gegeven, om de gesprekspartner niet te kwetsen. Over
interculturele communicatie zijn vele boeken geschreven, in de
literatuurlijst vindt u er een aantal.
f. maatschappelijke verdelingsproblemen
De sociaal-economische positie van zowel allochtonen als
autochtonen heeft gevolgen voor het gedrags- en beroepskeuzepatroon.
Men kiest op basis van korte-termijn motieven. Dat is verklaarbaar
omdat in de beschikbare laag- tot ongeschoolde banen geen
carrièreperspectieven zijn.
Zaken waar aandacht aan moet worden besteed
Taal- en cultuurverschillen bij beroepenoriëntatie
De in Nederland toegepaste beroepskeuzemethodieken zijn geënt op
Westerse cultuurpatronen. Het is daarom belangrijk de vraag te stellen
of (alle onderdelen van) onze theorieën en methodieken op dezelfde
manier werken voor niet-westerse nieuwkomers. Taal- en
cultuurverschillen kunnen doorwerken op alle aspecten van het
beroepskeuzeproces.
Verheldering zelfbeeld
In veel andere culturen is men minder dan in de Nederlandse cultuur
gewend om over zichzelf na te denken en zich vragen te stellen als:
wie ben ik, wat wil ik en wat kan ik. Veeleer geldt de stelregel 'wat
gebeurt, gebeurt'. Voor anderstaligen uit een minder ik-gerichte
cultuur, kunnen begrippen als 'individueel' en 'zelfontplooiing'
egoïstisch overkomen en botsen met de eigen culturele tradities en
waarden en normen. Waardering van anderen is vaak belangrijker dan
zelfwaardering.
Horizonverruiming
Nederland is een (post) geïndustrialiseerd land met een grote
specialisatie in de arbeid en een hooggeschoolde beroepsbevolking.
Nieuwkomers treffen hier een veelheid van beroepen aan die in het land
van herkomst volstrekt onbekend zijn. Ze zijn ook onbekend met het
Nederlandse onderwijssysteem en hebben - eenmaal in Nederland - de
neiging de macht van een diploma te overschatten.
Afwegen en kiezen
Veel nieuwkomers hebben niet geleerd om zelfstandig keuzes te maken.
Door de andere waarden en normen ten aanzien van familie, gezin en
arbeid worden de keuzes vaak overgelaten aan ouders die kiezen voor de
kinderen, mannen die kiezen voor de vrouwen en de groep die kiest voor
het individu. Bovendien veronderstelt kiezen dat er 'overvloed' is en
er iets te kiezen valt. In het land van herkomst vaak niet het geval.
Daarnaast zijn in culturen waar de sekserollen sterk gescheiden zijn,
vrouwen niet zozeer gericht op met maken van carrière. Hierdoor zullen
zij tot andere keuzen komen dan vrouwen uit andere culturen.
Uitvoeren van keuzes
Bij de uitvoering van keuzes lopen nieuwkomers in Nederland tegen
meer problemen op dan autochtonen, in verband met taal, conflicterende
waarden en discriminatie. |